Selecteer een pagina

Nieuws

Vergelding / Israël eist ruim twee miljoen euro van gezin gedode Palestijnse aanslagpleger

Israël heeft een nieuw wapen geïntroduceerd ter vergelding van gewelddadig Palestijns verzet tegen de bezetting. Bovenop al bestaande maatregelen gaat het exorbitante schadevergoedingen eisen.

Fadi al-Qunbar, pleger van de aanslag van 8 januari 2017.

De weduwe van een Palestijn uit Oost-Jeruzalem die begin dit jaar vier Israëlische militairen doodreed en zelf werd doodgeschoten, kreeg onlangs een eis tot het betalen van meer dan twee miljoen euro ‘schadevergoeding’ in haar brievenbus. Het betreft een nieuwe maatregel waarmee de Israëlische autoriteiten gewelddadig verzet tegen de Israëlische bezetting willen vergelden. De eis is ingediend door de openbaar aanklager van het district Jeruzalem, die een vergelijkbare eis bij de rechter heeft ingediend tegen familie van een tweede, nog onbekende ‘terrorist’. Volgens het persbureau Ma’an en het dagblad Haaretz [betaalmuur] zijn andere eisen in voorbereiding.

Aanslag en vergelding

Op 8 januari reed de 28-jarige Fadi al-Qunbar in zijn woonplaats Jeruzalem met een vrachtwagen in op een groep Israëlische militairen. Daarbij kwamen vier militairen om, evenals de aanslagpleger zelf, die onder vuur werd genomen door militairen en gewapende burgers. De Israëlische premier Netanyahu beweerde direct dat de dader een aanhanger was van Daesh (IS), maar de door hem aangekondigde bewijzen bleven uit. Familieleden van Al-Qunbar stelden onomwonden dat hij nooit iets te maken had gehad met IS of welke politieke of terreurorganisatie ook, maar op eigen houtje handelde.

De familie van de aanslagpleger kreeg te maken met grove vergeldingsmaatregelen (collectieve straffen) van de Israëlische bezetter van Oost-Jeruzalem. Het lichaam van Al-Qunbar werd niet aan zijn familie overgedragen, zodat de nabestaanden hem niet konden begraven; een aantal familieleden en bewoners van de wijk Jabal al-Mukaber waar de dader woonde werd opgepakt en enige tijd vastgehouden; zoals gebruikelijk werd het huis van het gezin van de dader onbewoonbaar gemaakt, ditmaal niet door het op te blazen, maar door het vol te storten met beton; minister van Binnenlandse Zaken Deri besloot van dertien familieleden van de dader, allen geboren en getogen in Jeruzalem, de ‘inwonerstatus’ in te trekken, zodat zij uitgezet konden worden naar de Westelijke Jordaanoever of Gaza; daarnaast werden nog andere strafmaatregelen tegen wijkbewoners getroffen.

Wraakcampagne

Daar komt nu de eis tot schadevergoeding voor de weduwe en haar vier kinderen – in de leeftijd van één tot acht jaar – bovenop. Die bedragen 503 duizend euro per gedode militair, becijferden de openbaar aanklager en het Israëlische ministerie van Defensie, oftewel ruim twee miljoen euro in totaal. Daarbij inbegrepen zijn de kosten voor de begrafenissen, vergoedingen voor het verlies aan inkomsten en pensioenbaten, en schadevergoeding voor ‘de pijn en het lijden’ van nabestaanden.

Dalia Kerstein, directeur van de Israëlische mensenrechtenorganisatie HaMoked die het gezin bijstaat, spreekt van een ‘wraakcampagne’. Zij noemt de procedure ‘weliswaar legaal, maar volstrekt boosaardig, wraakzuchtig en verfoeilijk’.