Duitsland bestrijdt bij internationaal Gerechtshof dat het Israëlische genocide in Gaza faciliteert
Vandaag begint bij het Internationaal Gerechtshof in Den Haag het verweer van Duitsland tegen de beschuldiging dat het genocide in de Gazastrook faciliteert door wapens en andere militaire steun aan Israël te leveren.
Nicaragua spande de zaak bij het Hof aan op 1 maart 2024, het stelt dat Duitsland zijn verplichtingen onder het Genocideverdrag en het internationaal humanitair recht schendt door Israël politiek, militair en financieel te steunen, terwijl in Gaza ernstige mensenrechtenschendingen plaatsvinden.
Nicaragua vroeg het Hof destijds om voorlopige maatregelen, maar dat ging daar niet in mee. Maar het heeft de rechtszaak niet van zijn rol verwijderd.
Duitsland antwoordde afgelopen juli schriftelijk op de aanklacht, waarna nu mondelinge hoorzittingen plaatsvinden. Het gaat zich waarschijnlijk beroepen op het zogenoemde ‘Monetary Gold-principe’: om te bepalen of Duitsland het recht heeft geschonden, zou het Hof moeten bepalen of Israël zelf bepaalde internationale regels met voeten heeft getreden. Maar Israël heeft niet ingestemd met de rechtszaak. Het Hof kan onder bepaalde omstandigheden geen uitspraak doen wanneer het daarvoor eerst de juridische verantwoordelijkheid van een derde staat moet vaststellen. Ook zal Duitsland waarschijnlijk stellen dat zijn wapenexporten onder strenge nationale en internationale regels vallen.
Sinds 7 oktober 2023 heeft Duitsland voor 685,5 miljoen euro aan wapenexportvergunningen voor Israël afgegeven. Het betreft vuurwapens, munitie, wapenonderdelen, militaire elektronica en gepantserde voertuigen. Voor welk bedrag Duitsland daadwerkelijk wapens aan Israël heeft geleverd, is onbekend.
Het Internationaal Gerechtshof zal zich uitspreken over zijn bevoegdheid of een einduitspraak doen over de vraag of Duitsland internationaalrechtelijk aansprakelijk is. Die uitspraken kunnen jaren uit elkaar liggen.
