Kruispunt / Wordt Israël definitief een joodse apartheidsstaat?

Er is een goede kans op vrede tussen Israëli’s en Palestijnen, maar de laatsten weigeren te onderhandelen, stelt CIDI-directeur Hanna Luden. In werkelijkheid is het Israël dat vrede in de weg staat, met desastreuze gevolgen.

Huis in Givat Arnon, een in 1999 gestichte illegale Israëlische ‘nederzetting’ op de bezette Westelijke Jordaanoever. Stap voor stap ‘eet Israël de Westoever op’. Daardoor krijgt het steeds sterker het karakter van een ‘ondemocratische joodse apartheidsstaat’. [c] Bangkok Post 

Volgens Hanna Luden, directeur van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI), moeten de Palestijnen inzien dat er kans is op een ‘doorbraak in het vredesproces’. Dan moeten ze wel hun ‘alles-of-niets-benadering’ laten varen en ‘naar de onderhandelingstafel’ komen. Hun ‘vrienden’ zouden ze daarvan moeten overtuigen. Anders staan ze straks nóg met lege handen.

Ludens betoog is een echo van de propaganda die vanuit Tel Aviv en Washington tot ons komt. Al jaren beweren premier Netanyahu, president Trump en hun entourage dat ‘de Palestijnen weglopen voor onderhandelingen’ en ‘onhaalbare eisen stellen’. In werkelijkheid is het precies andersom en is het deuntje van Netanyahu, Trump en Luden vals – een schoolvoorbeeld van blaming the victim.

Eind september drong president Abbas van de Palestijnse Autoriteit in zijn toespraak tot de VN aan op een internationale vredesconferentie. Het was dit jaar al de vierde keer dat hij het Midden-Oosten Kwartet, de EU en de VN opriep zo’n conferentie te organiseren. Abbas wil directe onderhandelingen onder internationale leiding en op basis van de bekende tweestatenformule, VN-resoluties en het internationaal recht. Het zou iedereen als muziek in de oren moeten klinken, maar respons en initiatieven blijven uit.

Kolonisering

De Israëli’s willen niets van zulke onderhandelingen weten. Die zouden immers betekenen dat zij het Palestijnse recht op zelfbeschikking erkennen, en op soevereiniteit in een staat die de Westelijke Jordaanoever, Oost-Jeruzalem en Gaza omvat. Dat is in Israël vloeken in de kerk. Israël koloniseert Oost-Jeruzalem en het grootste deel van de Westoever en haast zich om door het de facto annexeren van zoveel mogelijk Palestijns gebied ieder perspectief op een levensvatbare Palestijnse staat de grond in te boren. Onder bescherming van het Israëlische bezettingsleger lukt dat wonderwel.

Natuurlijk is de kolonisering een grove schending van het internationaal recht, onder het Statuut van Rome – het oprichtingsverdrag van het Internationaal Strafhof – zelfs een oorlogsmisdaad, en gaat de bezetting van de Palestijnse gebieden gepaard met nog meer oorlogsmisdaden, maar daar trekt in de Israëlische politiek vrijwel niemand zich iets van aan. Voor Netanyahu en de meeste andere politici zijn Palestijnen minderwaardige wezens, die zelfs geen recht hebben op een leven in vrijheid en andere elementaire mensenrechten.

Dat Israël ongestraft zijn gang kan gaan dankt het vooral aan opeenvolgende Amerikaanse regeringen, die het beschermden tegen internationale sancties. Onder president Trump is de Amerikaanse politiek anti-Palestijns in het kwadraat geworden. Net als Netanyahu koppelt Trump eigenbelang en opportunisme aan minachting voor de Palestijnen en de internationale rechtsorde. Het staken van alle humanitaire hulp aan de Palestijnen en de erkenning van Jeruzalem als Israëls hoofdstad zijn twee voorbeelden van de brute machtspolitiek waarmee hij de Palestijnen de afgelopen jaren tot acceptatie van hun minderwaardige positie probeerde te dwingen.

Trumps Bantoestanplan

Die politiek culmineerde begin dit jaar in het zogenaamde Amerikaanse ‘vredesplan’, waarmee Trump definitief met de Palestijnse rechten wil afrekenen. Het hoogst haalbare voor de Palestijnen is daarin een versnipperde eigen ‘staat’ die sterk lijkt op de Bantoestans onder het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime, een lappendeken van enclaves waarin zij onder Israëlische controle een vorm van zelfbestuur krijgen. Dat het plan door de Palestijnen is afgewezen en internationaal ongenadige kritiek kreeg – ‘geschreven door iemand met LSD op’, luidde een treffende karakterisering – is geen wonder. Een plan dat niet tegemoetkomt aan de elementaire rechten van beide partijen is het papier waarop het is geschreven niet waard.

Trump en Netanyahu schamperen dat ‘de Palestijnen opnieuw weglopen voor onderhandelingen’ en daarmee het onheil over zichzelf afroepen. Immers, na Jeruzalem ‘eet Israël de Westoever op’, zoals Trumps schoonzoon en topadviseur Jared Kushner – architect van het plan – het onlangs uitdrukte. In plaats van paal en perk te stellen aan dat illegale project, gebruiken de Amerikanen het als dreigement: wijzen jullie de LSD-staat af, dan steelt Israël ook de rest van jullie land en veroordelen jullie jezelf tot eeuwige militaire overheersing.

Van Palestijnse rechten willen de Amerikanen niets weten. De Palestijnen mogen hooguit spreken van ‘aspiraties’. Ze moeten ‘ophouden rechten te claimen’ en ‘eindelijk eens leren concessies te doen’. Vergeten wordt dat de Palestijnen met de erkenning van Israël binnen de ‘grenzen van voor 1967’ afstand hebben gedaan van bijna tachtig procent van historisch Palestina – de Moeder aller Concessies.

Meten met twee maten

Het is deze gure wind waarop Hanna Luden en het CIDI meezeilen. Volgens Luden staan de Palestijnen op een ‘historisch kruispunt’: een ‘doorbraak in het vredesproces’ is onder handbereik als zij ‘de ontstane gelegenheid aangrijpen een eigen staat een stap dichterbij te brengen’. Het plan van Trump is weliswaar ‘niet ideaal’, stelt ze met het understatement van de eeuw, maar het vasthouden aan hun rechten is een ‘alles-of-niets-benadering die al te vaak tot niets heeft geleid’.

Zou Luden, gesteld dat de rollen omgekeerd waren, de Israëli’s aanmoedigen genoegen te nemen met een leven in Bantoestans onder Palestijnse controle? Zouden Trump en Kushner dat doen? Het antwoord is nee.

Zij zouden verontwaardigd wijzen op Israëls onvervreemdbare recht op zelfbeschikking in een soevereine staat, met Jeruzalem als (gedeelde) hoofdstad. Ze zouden onderstrepen dat mensenrechten universeel zijn en nooit het onderwerp van onderhandelingen met een bezettende mogendheid mogen zijn, en eisen dat er na 53 jaar een einde aan de bezetting komt, onvoorwaardelijk en direct. Ongetwijfeld zouden ze hameren op internationale sancties tegen het regime dat hen ieder perspectief op een menswaardig bestaan ontneemt, en waarschuwen dat de Israëli’s onder die omstandigheden niets anders rest dan gewapend verzet.

Het zou een even terechte als menselijke reactie zijn. Maar voor Palestijnen ligt het wat Trump, Kushner en Luden betreft anders.

Joodse apartheidsstaat

In één ding heeft Luden gelijk: de kwestie-Palestina bevindt zich inderdaad op een historisch kruispunt. Dat Israël met Amerikaanse steun het laatste sprankje perspectief op de tweestatenoplossing de nek omdraait heeft niet alleen vérgaande consequenties voor de Palestijnen, maar ook voor Israël zelf. Het creëert daarmee de facto één gemeenschappelijke staat Israël/Palestina, en begraaft het lang gekoesterde Israëlische ideaal van een ‘joodse democratische staat’. Een staat met evenveel joodse als niet-joodse inwoners kan niet democratisch én joods zijn.

Israël dringt zichzelf een fundamentele keus op: wil het een democratische staat zijn met gelijke rechten voor alle inwoners, of een joodse staat die miljoenen niet-joden uitsluit van politieke rechten, zich schuldig maakt aan oorlogsmisdaden en eeuwigdurende bezetting, en geen vrede zal kennen? Het is duidelijk dat Israëls politieke establishment heeft gekozen voor wat de voormalige Israëlische premier Ehud Barak al in 2010 een ‘ondemocratische joodse apartheidsstaat’ noemde. Apartheid kenmerkt al decennia het Israëlische regime in de bezette gebieden. Onder het Statuut van Rome geldt ‘the crime of apartheid’ als een oorlogsmisdaad en een misdaad tegen de menselijkheid.

Zo er nog een kans is Palestijnen en Israëli’s voor dit onheilsscenario te behoeden, is Hanna Luden met haar oproep aan de ‘vrienden van de Palestijnen’ aan het verkeerde adres. Die zullen graag hun steentje bijdragen, maar de geschiedenis heeft geleerd dat Israëls politieke leiders hen niet wensen te horen. Om Israël op de valreep op zijn schreden te doen terugkeren is de gezamenlijke inzet nodig van alle krachten die een duurzame en op het internationaal recht gebaseerde vrede zeggen te wensen. Je zou verwachten dat zelfverklaarde ‘vrienden van Israël’ als het CIDI daarbij voorop gaan.

Waardeert u ons journalistieke werk? Help ons dat voort te zetten.