Rajaa Natour

Rajaa Natour is een Palestijnse onderzoeksjournalist.

15 juli 2026 Lees meer over

Rajaa NatourIsraëls militaire tribunaal en ‘7 oktober’: een showproces in de maak

Israël wil met executies van Palestijnen de ideologie uitwissen die ten grondslag ligt aan het legitieme Palestijnse verzet en het Palestijnse verzetsbewustzijn vernietigen, schrijft de Palestijnse journalist Rajaa Natour.

De Israëlische minister Itamar Ben-Gvir draagt een speldje van een strop op zijn revers. Hij was de drijvende kracht achter de invoering van de doodstraf voor Palestijnen. © EPA via ANP / Atef Safadi

Het was slechts een kwestie van tijd voor de Israëlische regering een speciaal militair tribunaal zou oprichten voor de berechting van Palestijnen die betrokken zouden zijn geweest bij de aanvallen op Zuid-Israël van 7 oktober 2023. De wet daartoe werd in mei met een grote meerderheid door het Israëlische parlement aangenomen.

Twee maanden eerder al, afgelopen maart, nam de Knesset een doodstrafwet aan. Die wet behelst dat een inwoner van ‘het gebied’ – Israël erkent geen definitieve internationale oostgrens en heeft verklaard grote delen van de Westelijke Jordaanoever te willen annexeren – die door een ‘terreurdaad’ opzettelijk de dood van een andere inwoner heeft veroorzaakt, ter dood zal worden veroordeeld.  Israëlische staatsburgers of inwoners van Israël – de Palestijnen in het door Israël bezette Oost-Jeruzalem hebben geen Israëlisch staatsburgerschap – worden niet berecht door militaire rechtbanken: zij kunnen de doodstraf niet krijgen.

Doodstraf voor Palestijnen

Bij elke zaak wordt het speciale militaire tribunaal opgetuigd met drie rechters onder leiding van een gepensioneerde rechter van het Hooggerechtshof. Ook het hof van beroep zal bestaan ​​uit drie rechters. Als de doodstraf wordt opgelegd, zal automatisch beroep worden aangetekend, ook zonder verzoek daartoe van de verdachte.

Terwijl Israëlische slachtoffers en overlevenden rechtszittingen kunnen bijwonen, mogen de Palestijnse beklaagden alleen in het tribunaal aanwezig zijn bij het voorlezen van de aanklacht, het afleggen van een getuigenis en vervolgens bij de uitspraak van het vonnis. Bij alle andere zittingen kunnen ze alleen deelnemen via videoconferentie.

Sommige van de centrale hoorzittingen zullen worden uitgezonden op een speciaal voor dit doel opgezette website. Verder zullen de hoorzittingen openbaar zijn en worden gedocumenteerd door middel van video- en audio-opnamen. De documentatie wordt vervolgens bewaard in het Rijksarchief.

Genocidale staat

U denkt nu misschien: hoe kan Israël rechtsgelijkheid en rechtvaardigheid waarborgen als het dergelijke militaire procedures gebruikt? Een staat die afgaande op de uitspraak van het Internationale Gerechtshof in Den Haag van januari 2024 hoogstwaarschijnlijk genocide pleegt in de Gazastrook . Die structureel afbreuk doet aan de fundamentele beginselen van waarheidsvinding en een eerlijk proces, zoals die zijn verankerd in het internationaal recht en het internationaal humanitair recht.

En die leiders heeft tegen wie het Internationaal Strafhof arrestatiebevelen heeft uitgevaardigd wegens het plegen van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Hoe kan dit Israël een eerlijk, legaal en transparant gerechtelijk proces leiden dat voldoet aan de normen van het internationaal recht?

Het korte antwoord is dat het dit, zoals gewoonlijk, zal afhandelen via een versneld, geïmproviseerd, en wraakzuchtig proces, dat op geen enkele manier voldoet aan internationale rechtsnormen. Het uitgebreidere antwoord vereist dat we het juridische kader van de doodstrafwet analyseren. Maar laten we eerst terugkijken naar de geschiedenis van de oprichting, het gebruik en het doel van de militaire rechtbanken in Israël. Want die zijn niets nieuws in de Israëlische geschiedenis.

Militair recht onder bezetting

Israël gebruikt al decennia militaire rechtbanken om de Palestijnen zonder enige rechtsgang op te sluiten, het past het militaire rechtssysteem sinds 1967 vrijwel alleen toe op de bezette Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. De militaire rechtsspraak was oorspronkelijk bedoeld voor veiligheids- en oorlogssituaties, maar in de loop van de tijd is het een centraal onderdeel geworden van de onderdrukking van Palestijnen.

Het bijzondere van het recentelijk in het leven geroepen speciale militaire tribunaal is dat de militaire rechtsspraak nu ook ín Israël zal plaatsvinden. Israël koos er in 1961 bij het proces tegen nazi Adolf Eichmann voor het civiele rechtssysteem te gebruiken, om te doen voorkomen dat het hecht aan een eerlijke rechtsgang en rechtsprincipes. Waarom heeft het nu dan voor een militaire rechtsgang gekozen?

Het antwoord is omdat Israël zijn bevolking en de buitenwereld wil doen geloven dat de gebeurtenissen van 7 oktober een exceptionele en aparte strafprocedure vereisen en omdat het militaire recht in Israël wordt gezien als instrument om ‘terroristische’ misdrijven aan te pakken. Maar belangrijker is dat met het militair recht zwaardere straffen kunnen worden opgelegd. Met het militair recht kan Israël de doodstraf opleggen, een mogelijkheid die binnen het Israëlische civiele strafrechtsysteem een stuk lastiger is.

Onafhankelijk noch transparant

Het speciale militaire tribunaal is geen objectief juridisch instrument, bedoeld om de opsporing en vervolging van uitzonderlijke misdrijven mogelijk te maken. Het is een politiek antwoord op publieke roep om wraak en druk vanuit de Israëlische samenleving.

Het door de wet vastgestelde juridische kader roept ernstige vragen op over de eerlijkheid en rechtsstatelijke waarborgen van het proces. Begrijp me niet verkeerd: degenen die verantwoordelijk zijn voor misdaden op 7 oktober moeten voor de rechter worden gebracht. Net zoals de leden van de Israëlische politieke en militaire leiding en Israëlische individuele militairen zich voor het Internationaal Strafhof in Den Haag zouden moeten verantwoorden voor genocide en oorlogsmisdaden.

Maar terwijl de Israëli’s bij het Internationaal Strafhof een eerlijk proces zou wachten, een proces dat zonder twijfel zal voldoen aan alle normen van het internationaal recht, zullen de Palestijnse verdachten terechtstaan ​​voor een politiek bevooroordeeld militair rechtssysteem. Een systeem dat onafhankelijk noch transparant is en bovenal geen enkel belang heeft de rechten van de verdachten te beschermen. De Israëlische militaire rechtbanken staan niet los van de staat, maar maken deel uit van een hiërarchisch systeem, waarin juridische procedures verweven zijn met militaire en veiligheidsstructuren.

Rechtssysteem tegen Palestijnen

Het Israëlische rechtssysteem is inherent partijdig tegen Palestijnse verdachten. De vonnissen van militaire rechtbanken worden niet beïnvloed door juridische, maar door militaire, veiligheids- en politieke overwegingen. Een rechtssysteem dat Palestijnse verdachten, nog voordat ze voor de rechter zijn verschenen, bestempelt als ‘vijanden’ van de staat in oorlogstijd, kan nooit rechtvaardigheid bieden. En dat systeem kan nu de doodstraf opleggen.

Het speciale militaire tribunaal is ingesteld om zaken te behandelen waarin sprake is van beschuldigingen van de meest ernstige vormen van internationale criminaliteit. Het vervolgen van dergelijke misdrijven is een complexe taak die het tribunaal om vele redenen niet naar behoren zal kunnen uitvoeren.

Ten eerste, omdat de gebeurtenissen rondom de aanval van 7 oktober zich nog steeds ontvouwen en nog altijd worden onderzocht door de Israëlische politie en de binnenlandse veiligheidsdienst Shin Bet. De forensische informatie die de verdachten rechtstreeks in verband brengt met de aanslagen en de slachtoffers, is nog niet compleet. Het militaire tribunaal zal niet met zekerheid kunnen vaststellen of een verdachte aanwezig was op de plaats delict of dat hij betrokken was bij het plegen van een specifiek misdrijf.

Hannibalbevel

Wat bovendien opvalt, is dat het militaire tribunaal geen enkele aandacht zal besteden aan de Israëlische burgers die door eigen vuur zijn omgekomen, bijvoorbeeld als gevolg van het zogenoemde Hannibalbevel. Volgens dat bevel mag het Israëlische leger zwaar geweld inzetten om ontvoeringen van de eigen mensen door de vijand te voorkomen, zelfs met gevaar voor hun leven.

Als het militaire tribunaal ook deze doden zou onderzoeken, zou het officiële narratief van de Israëlische regering over 7 oktober worden ondermijnd. Een dergelijk onderzoek zou bovendien de ongecoördineerde aanpak van de militaire operaties, geheime complexe commandostructuren, de betrokkenheid van Israëlische burgers, hevige gevechten en de vernietiging van mogelijk bewijsmateriaal in de openbaarheid brengen.

De chaotische omstandigheden op 7 oktober bemoeilijken het identificeren van individuele daders en het samenstellen van juridisch onderbouwde dossiers. Veel mensen zijn ervan overtuigd dat de Israëlische onderzoekers forensisch en digitaal bewijsmateriaal, getuigenissen van overlevenden en reddingswerkers en documenten van gewapende organisaties hebben verzameld en verdachten hebben ondervraagd. Maar: deze bewijsstukken zijn verzameld door Israëlische veiligheidsdiensten met een aantoonbare geschiedenis van marteling, mishandeling en andere ongeoorloofde ondervragingsmethoden bij Palestijnse verdachten.

Geen advocaat

En ook belangrijk: de Israëlische staat zal de verdachten geen advocaat verstrekken of daarvoor betalen. De Knesset heeft hiertoe officieel de wet gewijzigd die verdachten een advocaat garandeert. Verdachten mogen bovendien alleen worden verdedigd door advocaten met een Israëlisch diploma. Buitenlandse advocaten mogen hen niet vertegenwoordigen.

Het scenario is huiveringwekkend: omdat de meeste advocaten niet bereid zullen zijn de verdachten te vertegenwoordigen, zullen de beklaagden moeite hebben gekwalificeerde juridische bijstand te vinden. En dan is er nog het financiële aspect: omdat de staat Israël de verdachten elke overheidsfinanciering voor hun verdediging heeft ontzegd, zullen die geen advocaat kunnen betalen.

Het is ironisch: de staat Israël zet een militair rechtssysteem op, beschuldigt  Palestijnen van ernstige misdrijven en beweert de waarheid te willen achterhalen. Tegelijkertijd ontzegt datzelfde Israël de verdachten een effectieve juridische bijstand, toegang tot bewijsmateriaal, de mogelijkheid om getuigen te ondervragen en een transparant proces. Zelfs in de beruchte militaire commissies op Guantánamo Bay, stonden de Verenigde Staten beklaagden bij met militaire juristen (JAG), pro deo- en pro bono advocaten. En zelfs tijdens de Holocaustprocessen stond Israël de verdachten toe zich te laten bijstaan door buitenlandse advocaten.

Executies om verzet te breken

Het speciale militaire tribunaal is niet opgericht om een onafhankelijke en rechtvaardige rechtsgang te waarborgen. Ongeacht de rechters die er zitting in nemen of de Israëlische wetgeving waarop het is gebaseerd, zal het niet voldoen aan de normen van het internationaal recht. Het is gebaseerd op racistische en discriminerende procedures en functioneert in een politieke context die wordt gekenmerkt door wraakzucht en opportunisme.

Zowel de wet die dit tribunaal in het leven heeft geroepen als de doodstrafwet is racistisch en bestempelt elk Palestijns verzet tegen de Israëlische bezetting bij voorbaat als ‘terrorisme’. Joods staatsterrorisme en de kolonistenterreur op de Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem krijgen impliciet legitimiteit, omdat die misdrijven niet het militair recht vallen.

Israël wil niet alleen de verdachten van de misdaden van 7 oktober executeren, maar vooral de ideologie uitroeien die ten grondslag ligt aan het legitieme Palestijnse verzet. Het zal de kern van het Palestijnse verzetsbewustzijn proberen te vernietigen.

Het zal dat doen voor de ogen van de hele wereld, als ‘progressieve’, ‘moderne’ en ‘democratische’ staat en door middel van een showproces. Voor de Israëlische wetgevers is dit tribunaal de ‘definitieve oplossing’ voor het ‘probleem’ van het Palestijnse verzet.

© 2007 - 2026 The Rights Forum / Privacy Policy