Israëliërs krijgen al decennialang te horen dat er geen Palestijnen bestaan. Tegelijkertijd worden die permanent weggezet als het ultieme kwaad. ‘Het zijn bouwstenen voor een genocidale staat’, zegt Alette Smeulers, hoogleraar Internationale Misdrijven aan de Universiteit Groningen. ‘De haat is zo genormaliseerd, er is bijna niet tegenin te gaan.’

‘We moeten al hun kinderen afmaken.’ ‘Hoeveel burgers er onder de slachtoffers zijn, houdt niemand hier bezig.’ ‘We branden hun dorp plat, en dat is goed.’ Het zijn slechts enkele van de talloze genocidale uitspraken in de populaire en invloedrijke Israëlische talkshow HaPatriotim, De Patriotten. Die wordt elke avond – behalve op shabbat – prime time, rond de klok van negen uur ’s avonds uitgezonden. Het publiek klapt, joelt en juicht de ontmenselijkende retoriek enthousiast toe.
Het hoge aantal Palestijnse burgerdoden en het Palestijnse leed laat de meeste Joodse Israëliërs koud, het genocidale geweld tegen de Palestijnen is in Israël genormaliseerd. En elke kritiek op het Israëlische beleid ten aanzien van de Palestijnen wordt direct van de hand gewezen, een proces dat dikwijls gepaard gaat met beschuldigingen van antisemitisme. Enkele vragen hierover aan Alette Smeulers, hoogleraar Internationale Misdrijven aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Sinds de oprichting van de staat Israël zijn in Israëlische schoolboeken de Palestijnen opvallend afwezig. Hun dorpen en steden staan niet op geografische kaarten, hun geschiedenis wordt nauwelijks tot niet vermeld. Tegelijkertijd worden ze voortdurend als kwaadwillend afgeschilderd. Wat doet een dergelijke educatie met kinderen?
‘Dat is heel problematisch. Daardoor krijg je een sterke verankering van het idee dat de Palestijnen niet bestaan, geen rechten en belangen hebben en kwaadaardig zijn. Dat beeld is dominant geworden in de Israëlische maatschappij, je ziet het in het onderwijs, in kinderboeken, het beleid, op televisie, in de politiek: overal vindt ontkenning van de Palestijnen en hun rechten plaats. Een groot deel van de Israëlische maatschappij gaat daarin mee en dat is gevaarlijk. Israëliërs zitten in een tunnelvisie, de empathie voor de Palestijnen is volledig afgesloten.’
Wat zijn daarvan de gevolgen?
‘In Israël vindt al decennia een proces van wij-zijdenken plaats, Israëliërs hebben de Palestijnen gedemoniseerd, en ontmenselijkt. Dat zie je bijvoorbeeld ook in de talkshow HaPatriotim; álle Palestijnen worden daar dagelijks weggezet als terroristen, als ultiem kwaadaardig. De extreme uitspraken worden lachend gedaan, de Israëliërs stralen terwijl ze de meest verschrikkelijke dingen zeggen, er is applaus voor ze. De haat is zo genormaliseerd, er is bijna niet tegenin te gaan. Praktisch de hele Israëlische samenleving steunt het genocidale geweld.’
Joods-Israëlische militairen brengen ongekend leed toe aan de Palestijnse burgerbevolking in de Gazastrook. Hoe praten ze dat voor zichzelf goed, hoe gaat zo’n proces in zijn werk?
‘De Israëliërs hebben een tunnelvisie, ze hebben empathie voor de Palestijnen volledig afgesloten. Veel van hen leiden een vrij normaal leven – ze zijn lieve vaders, partners, goede vrienden – en toch begaan ze gruwelijke misdrijven. Op basis van mijn onderzoek moet ik concluderen dat iedereen een dader kan worden, echt iedereen. Het cruciale moment is de eerste keer dat iemand zich schuldig maakt aan een misdrijf, bijvoorbeeld een moord op een ongewapende burger. Er zijn best veel mensen die dan schrikken van hun eigen geweld, die worden verrast door empathie met het slachtoffer dat ze hebben gemaakt. Dan denken ze: ‘Het was toch goed wat ik heb gedaan? Die ander was toch het kwaad?’ Om hun geweten te sussen, rechtvaardigen en rationaliseren ze hun misdrijf: ze moesten die ander echt vermoorden, als ze dat niet hadden gedaan, waren ze zelf gedood. Ze gebruiken haat en ideologie om hun geweten te sussen. Dat is het proces op het individuele vlak.
Maar in Israël heeft vrijwel iedereen dienstplicht, het goedpraten van misdrijven gebeurt door de hele samenleving. Alle Joodse Israëliërs hebben wel een partner, vader, zoon, oom, tante, dochter die door bovengenoemd proces heen is gegaan. Ze draaien vrijwel allemaal op enig moment mee in het militaire en genocidale systeem en maken zich daar medeschuldig aan.’
Israëliërs zijn er juist van overtuigd dat ze zichzelf verdedigen, dat zíj het slachtoffer zijn.
‘Ja, en er wordt zwaar ingezet op die slachtofferrol, die wordt zó omarmd, en beschermd, dat eenieder die ook maar iets positiefs over de Palestijnen zegt, vrijwel direct voor antisemiet wordt uitgemaakt. Het is voor Israëliërs het een of het ander: je bent vóór of tegen, zwart-wit, geen nuances. Luister, elk mens wil in principe het goede doen, al vult ieder dat op zijn eigen manier in. In Israël is ‘het goede doen’ het volk beschermen tegen die vermeende vreselijke vijand van buitenaf, de Palestijnen. En hoe meer kritiek er van buitenaf komt, des te meer de Israëliërs zich daarvoor afsluiten. Ze denken: wíj zijn het slachtoffer, zie eens al die antisemieten met hun kritiek op Israël, en ze versterken elkaar in dit proces.’
De Holocaust was een tot dan toe ongekend geïndustrialiseerde moordmachine. Is de genocide in de Gazastrook de eerste sinds de Shoah die een dergelijk systematisch, technologisch en geïndustrialiseerd karakter heeft?
‘Ja, dat denk ik wel. Dat toont ook de film Naza aan. Elke genocide is in zekere zin uniek, ook de Holocaust, maar er zijn zeker parallellen.’
Hoe kijkt u aan tegen de Nederlandse verslaggeving over het geweld tegen de Palestijnen?
‘De Nederlandse media blijven de verhalen van de Israëlische slachtoffers maar herhalen, die krijgen een gezicht, een naam. Begrijp me niet verkeerd, het is terecht dat hun verhalen worden verteld, de aanvallen van 7 oktober 2023 waren verschrikkelijk. Inmiddels heeft Israël zeker zestig keer zoveel slachtoffers gemaakt in de Gazastrook, maar de verhalen, namen en gezichten van de Palestijnen worden zelden vermeld. Ik zie dat onder invloed van de genocide in de Gazastrook ook onze samenleving verandert, we kijken al drie jaar naar de Israëlische genocide, en er wordt vrijwel niets tegen ondernomen. Dat normaliseert geweld ook in onze maatschappij.’

Is Israël zelf nog in staat uit zijn genocidale geweldsspiraal te komen?
‘Helaas, nee, dit stopt niet vanzelf. En bedenk dat het Israëlische geweld niet is begonnen op 7 oktober, dat was slechts een verdere escalatie ervan, toen zijn alle remmen eraf gegaan. De Israëlische maatschappij in zijn geheel is sindsdien nog weer een stuk gewelddadiger geworden, de militarisering, de discriminatie, de apartheidspolitiek, het dehumaniseren, het uitschakelen van empathie; het is allemaal genormaliseerd. Door op deze weg door te gaan, bevestigen Israëliërs voor zichzelf dat ze het goede doen. Want als ze ermee stoppen, geven ze aan zichzelf toe dat wat ze tot nu toe hebben gedaan, verkeerd was. Nee, dit houdt niet vanzelf op.’
Wat moeten westerse overheden, inclusief de Nederlandse, doen om er een halt aan toe te roepen?
‘Er moet veel duidelijker stelling worden genomen, het geweld moet keihard worden veroordeeld. En stel echte economische sancties in. Nederland blijft maar twijfelen, dat is niet goed, daarmee laat het het Israëlische geweld voortduren. De redenering van de Nederlandse regering is aldoor dat het meer effect heeft als we binnen de EU iets doen. Dat klopt, maar dat is geen reden om in de tussentijd niets te doen, om te blijven wegkijken. We moeten alle middelen die we hebben, gebruiken om de genocide en apartheidspolitiek in Israël keihard te veroordelen.’
U had het over economische sancties.
‘Ja, die ook, omdat die een belangrijke boodschap van internationale steun afgeven aan de marginale Israëlische vredesbeweging. Die moeten we steunen, met alles wat we kunnen, zelfs als de steun symbolisch is. Misschien kunnen we daarmee een dynamiek creëren die uiteindelijk verandering teweegbrengt in de Israëlische maatschappij. Die verandering moet van buitenaf komen, dat gaat niet vanzelf. En we moeten blijven tonen dat het opkomen voor Palestijnse rechten niet gelijkstaat aan antisemitisme.’
U klinkt nog voorzichtig optimistisch.
‘We zitten op een cruciaal moment in de geschiedenis: als we niets doen, halen we de pijlers onder het internationaal recht uit en dat treft ook onze samenleving. Daarom is ook het Internationaal Strafhof zo belangrijk. We zien overal de ondermijning van de rechtsorde en de democratische rechtsstaat; dit gaat over de fundamenten van onze samenleving. We hebben een juridische en morele plicht om in te grijpen. Als we niets doen, als we passief blijven toekijken, maken wij het Israëlische geweld mogelijk. Hoe kunnen wij nog hard maken dat we voor mensenrechten staan, als we dit geweld toestaan?
De Gazastrook gaat ook over ons, ook vanwege onze sterke banden met Israël. Het gaat over wie wij zijn, onze principes, onze normen en waarden. We mogen dit niet nog verder laten escaleren. Nogmaals: ook wij veranderen als gevolg van de genocide. De reguliere media doen nauwelijks nog melding van het geweld in de Gazastrook, dat is ook in onze samenleving genormaliseerd. Dit moet stoppen.’