Incitement / Haat en agressie: Israëlische kolonisten geven hun visitekaartje af

Israëlische kolonisten uit de illegale nederzettingen in bezet Palestina gaan zich structureel te buiten aan tegen de Palestijnen gerichte vernielingen, bedreigingen en beledigingen. Eind augustus werd zo’n voorval gefilmd.

Israëlische kolonisten bedreigen en beledigen de lokale Palestijnse bevolkingB’Tselem 

Het begrip incitement (opruiing) is voor Israëlische leiders een permanent excuus om Palestijnse burgers op te pakken, op te sluiten of zelfs te doden. Het vreedzaam protesteren tegen de bezetting, het schrijven van berichten op Facebook, het gooien van een steen naar de bezetter die je huis met traangas beschiet – het zijn voorbeelden van incitement die door Israël standaard worden aangegrepen voor draconische straffen.

Israëlische opruiing

Vaak is gewezen op de structurele en aanzienlijk ernstiger gevallen van incitement door Israël zélf. Denk daarbij aan de recente toespraak van premier Netanyahu die zijn achterban aanspoorde tot meer bezetting en meer kolonisering. Of aan de Israëlische minister Hanegbi, die de Palestijnen een ‘Derde Nakba’ in het vooruitzicht stelde. Of aan Likud-parlementariër Oren Hazan, die de Palestijnen vergeleek met honden en opriep tot deportatie en executies. De lijst met voorbeelden is eindeloos en wordt vrijwel dagelijks langer.

Ook Israëls kolonisten, bewoners van de illegale kolonies (‘nederzettingen’) in bezet Palestina, zijn berucht om hun niet-aflatende vormen van opruiing tegen de lokale Palestijnse bevolking, die algemeen wordt beschouwd als een ondergeschikte soort. Eind augustus deed zich daarvan een nieuw geval voor, toen kolonisten uit de illegale kolonie Kiryat Arba via een luidsprekersysteem de inwoners van de Palestijnse stad Al-Khalil (Hebron) beledigden en bedreigden.

Autoriteiten grijpen niet in

Een vrijwilliger van de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem slaagde erin een deel van het optreden van de kolonisten te filmen. Niet alleen documenteert de opname een al jaren bestaande realiteit, ook de rol van de Israëlische autoriteiten wordt in beeld gebracht: Israëlische militairen staan erbij en grijpen niet in. Het feit dat de lokale bevolking, die zij geacht worden te beschermen, wordt bedreigd, is overduidelijk geen criterium.

Datzelfde geldt voor het feit dat de tierende kolonisten hun agressie en haat presenteren als ‘joods’ – een feit dat de Israëlische autoriteiten grote zorgen zou moeten baren, en waarvoor ieder ander direct aan de schandpaal zou worden genageld. Desondanks gaan de kolonisten vrijuit. Opmerkelijk is dat ook joodse organisaties, waaronder in Nederland, deze angstaanjagende realiteit blijven negeren.