Omar BarghoutiWaarom ik deelneem aan het Rode Lijn-protest in Amsterdam

Als genocide geen rode lijn is, wat dan wel? vraagt de Palestijnse mensenrechtenactivist Omar Barghouti zich af. Hij loopt mee in de Rode Lijn-demonstratie zondag. ‘Voor Palestina, en voor de mensheid als geheel.’

De Rode Lijn-demonstratie in Amsterdam op 5 oktober 2025, met op de achtergrond het Concertgebouw. (c) ANP / Hollandse Hoogte / Michel van Bergen

‘In een wereld waarin zelfs genocide geen rode lijn is, bestaan er geen rode lijnen’, waarschuwde Craig Mokhiber, oud-directeur bij het VN-mensenrechtenbureau.

Al in januari 2024 oordeelde het Internationaal Gerechtshof (ICJ) dat er een reëel en acuut risico bestaat dat Israël genocide pleegt. Die uitspraak brengt voor alle staten de juridische verplichting met zich mee om genocide te voorkomen. Een onderzoekscommissie van de Verenigde Naties stelde sindsdien vast dat Israël genocide pleegt. Deze conclusie delen vele andere experts en mensenrechtenorganisaties. Toch gaat de veelvoudige medeplichtigheid van Nederland aan de wreedheden van Israël onverminderd door.

Rode lijn

Op zondag 8 november neem ik met trots deel aan het Rode Lijn-protest in Amsterdam. Ik wil onderdeel zijn van deze inspirerende menselijke golf, die een einde wil maken aan de medeplichtigheid aan de eerste gelivestreamde genocide ter wereld. Voor Palestina, en voor de mensheid als geheel.

Op een steenworp afstand van de Rode Lijn-demonstratie zijn op een monument deze woorden te lezen van Henk van Randwijk, een Nederlandse verzetsdichter uit de tijd van de nazibezetting,

Een volk dat voor tirannen zwicht,

zal meer dan lijf en goed verliezen,

dan dooft het licht…

Nu de genocide van Israël op de inheemse Palestijnen – mogelijk gemaakt door de medeplichtigheid van staten, bedrijven en instellingen in het koloniale Westen – al meer dan drie jaar voortduurt, is dit gedicht opnieuw zeer actueel.

Onderdrukkers proberen meedogenloos – en vaak met bruut geweld – de geest van de onderdrukten te koloniseren met wanhoop en machteloosheid. Ze proberen het licht in ons te doven, het licht dat ons op de been houdt, ondanks onze immense rouw en woede. Tegen deze achtergrond is Israël begonnen aan wat de laatste fase van zijn koloniale nederzettingsproject lijkt te zijn: de uitroeiing van de overlevenden van de voortdurende Nakba. Orly Noy, voorzitter van de grootste Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem, heeft opgeroepen tot een ‘denazificatie’ van de Israëlische samenleving. Zij stelt: ‘Israël ontketent een holocaust in Gaza, en dat kan niet louter worden afgedaan als de wil van de huidige fascistische leiders van het land.’

Medeplichtig

Het licht van de onderdrukten dooft wanneer zij zwichten voor tirannen, maar tirannie zorgt er ook voor dat de onderdrukkers elk licht dat zij wellicht bezaten, verliezen. Paulo Freire stelt dat ontmenselijking ‘niet alleen degenen treft van wie de menselijkheid is gestolen, maar ook […] degenen die haar hebben gestolen.’ In situaties van onderdrukking is er nog een derde relevante groep: de medeplichtigen die de onderdrukking bewapenen, financieren, rechtvaardigen of op andere wijze mogelijk maken. Hun medeplichtigheid dooft ook hun eigen licht.

Nederland, de op één na grootste investeerder in de Israëlische apartheidseconomie, is diep medeplichtig. Het levert onderdelen voor F-35-gevechtsvliegtuigen en aanvalshonden. Nederlandse universiteiten werken in onderzoek samen met Israëlische instellingen, onder meer in Europese Horizon-projecten. Culturele instellingen zoals het Koninklijk Concertgebouw werken mee aan het witwassen van het genocidale Israël.

Bedrijven als Booking.com profiteren van oorlogsmisdaden. Deze medeplichtigheid is blijven bestaan, zelfs na de uitspraak van het ICJ over een reëel en acuut risico op een Israëlische genocide in Gaza, en de latere uitspraak uit juli 2024 dat de volledige Israëlische bezetting illegaal is en neerkomt op apartheid. Nederland komt de juridische verplichtingen die daaruit volgen niet na. Zo helpt het een wereldorde in stand te houden, aangestuurd door Israël en de VS, waarin het recht van de sterkste geldt.

Boycot

Met de oproep tot boycot, desinvestering en sancties (BDS) – een strategie die geworteld is in een eeuw van Palestijns volksverzet en geïnspireerd door de Zuid-Afrikaanse strijd tegen apartheid – vragen Palestijnen niet om liefdadigheid. Wij roepen op tot betekenisvolle solidariteit. Boven alles eisen wij een einde aan medeplichtigheid. Want de meest fundamentele morele verplichting is: doe geen schade.

Veel mensen in Nederland nemen die verplichting serieus. Zij zien dat de strijd voor Palestijnse vrijheid samenhangt met andere strijden: tegen racisme, voor het klimaat, voor economische gelijkheid en voor gendergelijkheid.

Mensen vormen rode lijnen door de stad. Studenten slaan kampementen op. Academische boycots breiden zich uit en honderden culturele instellingen steunen de boycot. Werknemers van de publieke omroepen hebben een boycot van het Eurovisie Songfestival afgedwongen vanwege de deelname van het genocidale Israël. De lijst van ‘apartheidvrije zones’ groeit. En onderzoekers, juristen en mensenrechtenorganisaties documenteren en bestrijden de medeplichtigheid. Deze prachtige Nederlandse lichtpunten zijn niet te missen in de naargeestige duisternis.

Sommigen zeggen: ‘Er verandert toch niets. Ik word er hopeloos van.’ Maar hopeloosheid is een luxe die Palestijnen zich niet kunnen veroorloven. Zonder hoop dooft het licht.

Dankzij de inspirerende wereldwijde solidariteit, zoals die tot uiting komt in dit Rode Lijn-protest, weten wij Palestijnen dat we op een dag het schitterende licht van rechtvaardigheid, terugkeer, gelijkheid en vrijheid zullen aanschouwen.

Omar Barghouti is een Palestijnse mensenrechtenverdediger, medeoprichter van de BDS-beweging en ontvanger van de Gandhi Peace Award 2017.

© 2007 - 2026 The Rights Forum / Privacy Policy