Israël is bezig de Palestijnse Autoriteit financieel af te knijpen, waardoor essentiële Palestijnse voorzieningen op instorten staan. ‘Het uiteindelijke doel is om de PA te laten instorten en chaos te creëren.’

De Palestijnse Autoriteit (PA) loopt financieel op haar laatste benen. Aanleiding is de weigering van Israël om de namens de PA geïnde belastinggelden uit te betalen. Het gaat daarbij voornamelijk om belastingen op importgoederen, zoals btw en importheffingen. Afspraken daarover werden in 1994 vastgelegd in het Paris Economic Protocol, kortweg het Protocol van Parijs.
Dat protocol maakt deel uit van de Oslo-akkoorden (1993-1995) en had een tijdelijke status. ‘Oslo’ zou in 1999 hebben moeten uitmonden in een onafhankelijke Palestijnse staat die de Westelijke Jordaanoever en Gaza omvat, met Oost-Jeruzalem als hoofdstad. Die staat is intussen feitelijk onmogelijk: ‘Oslo’ is door Israël benut als springplank voor kolonisering van de beoogde Palestijnse staat.
Als gevolg bestaat het Protocol van Parijs 27 jaar na zijn geplande opheffing nog steeds, en wordt het door Israël misbruikt om de PA te wurgen.
De PA is verantwoordelijk voor voorzieningen zoals gezondheidszorg, onderwijs en elektriciteit voor de Palestijnse bevolking op de Westelijke Jordaanoever. Twee derde van de totale inkomsten van de PA komt uit de belastinggelden die Israël int. Dat geeft Israël een enorme macht over de PA.
En die macht misbruikt het. Israël zet het inhouden van Palestijns belastinggeld al sinds 1997 in als politiek drukmiddel om de PA te ‘straffen’. Zo hield Israël onder meer belastinggeld achter bij het uitbreken van de Tweede Intifida in 2000, nadat Hamas in 2006 de Palestijnse verkiezingen won, en nadat Palestina in 2012 als ‘waarnemend niet-lid’ tot de Algemene Vergadering van de VN toetrad.
Israël heeft het afknijpen van de PA stapsgewijs geëscaleerd. Sinds 2019 hield het maandelijks standaard een kleine 60 miljoen euro in, ongeveer een derde van het verschuldigde bedrag. Na oktober 2023 liep dat op tot het equivalent van circa 140 miljoen euro, volgens cijfers van de Wereldbank. Sinds juni 2025 maakt Israël niets meer over.
Het totale bedrag dat Israël nog aan de PA moet betalen bedraagt inmiddels omgerekend circa 4,7 miljard euro, rekende de Israëlische krant Haaretz uit. Dat staat gelijk aan bijna een kwart van het totale BNP van de Palestijnse gebieden.
Tot de voornaamste slachtoffers van de Israëlische politiek behoort het Palestijnse zorgsysteem op de bezette Westelijke Jordaanoever. Dat staat op instorten, volgens de ngo Physicians for Human Rights Israel (PHRI). Intussen hebben 447 van de 590 faciliteiten van het Palestijnse ministerie van Gezondheid hun diensten sterk moeten terugschroeven en zijn veel essentiële medicijnen niet meer op voorraad. Drie op de vijf eerstelijnszorgcentra zijn nog deels operationeel – vaak nog maar één dag in de week, waar dat vóór oktober 2023 zes dagen was. De rest is helemaal niet meer operationeel.
Zorgverleners krijgen nog maar een deel van hun salaris, wat vaak veel te laat wordt uitbetaald. Het wordt steeds moeilijker voor patiënten met kanker, nierziekten, diabetes en andere chronische aandoeningen om essentiële behandelingen te krijgen. In een reportage beschrijft Het Parool deze week de neerwaartse spiraal waarin de Palestijnse gezondheidszorg zich bevindt.
‘Israël houdt Palestijnse inkomsten achter, terwijl het gezondheidszorgsysteem dat van die inkomsten afhankelijk is, instort. De gevolgen zijn overal zichtbaar: klinieken sluiten, artsen werken zonder volledig salaris, essentiële medicijnen raken op en patiënten krijgen niet de zorg die ze nodig hebben’, zegt Milena Ansari van PHRI.
Het eind lijkt nog lang niet in zicht. Israëlische ministers als Itamar Ben-Gvir (Nationale Veiligheid) en Bezalel Smotrich (Financiën) zeggen openlijk dat ze de Palestijnse Autoriteit willen laten instorten door die ‘economisch te wurgen’, willen ontmantelen, omverwerpen, en ‘van de kaart laten verdwijnen’. Als minister van Financiën heeft met name Smotrich – die woont in de illegale nederzetting Kedumim in bezet Palestijns gebied – vérgaande controle over het geld van de Palestijnen.
De premier van de PA, Mohammed Mustafa, noemt het achterhouden van belastinggeld ‘een poging om de instituties van de Palestijnse staat te vernietigen’. Dat treft niet alleen de gezondheidszorg: alle ambtenaren van de PA krijgen sinds januari van dit jaar een verminderd salaris.
Ook de Israëlische organisatie Peace Now ziet dat het financieel doodbloeden past bij een bredere strategie: ‘Het uiteindelijke doel is de Palestijnse Autoriteit te laten instorten en chaos te creëren waardoor [Israël] de nederzettingen kan uitbreiden naar steden en dorpen diep in de Westelijke Jordaanoever.’
Het stelen van Palestijns belastinggeld staat niet op zichzelf, maar gaat hand in hand met de kolonistenterreur, militaire invallen en de uitbreiding van de illegale nederzettingen. Het zijn allemaal elementen van het Israëlische plan in uitvoering om de Westoever te koloniseren en annexeren, en om elke vorm van Palestijns bestaan daar stapsgewijs uit te wissen.
‘Wat Israël op de grond uitvoert, zowel in de Gazastrook als op de Westelijke Jordaanoever, is niet slechts een reeks geïsoleerde acties’, aldus premier Mustafa. ‘Het is doelbewust en systematisch beleid om het Palestijnse bestaan te ontmantelen.’