Nieuw rapport Albanese: ‘mediacide’ draagt bij aan vernietiging Palestijnen

Het vermoorden van journalisten, Israëlische staatspropaganda én het verspreiden daarvan door internationale media hebben bijgedragen aan het verhullen van genocidaal geweld in Gaza, concludeert VN-rapporteur Francesca Albanese in een nieuw rapport.

Demonstranten bij het NOS-gebouw in Hilversum beschuldigen de publieke omroep van het verbloemen van genocide. © ANP / Hollandse Hoogte / Joris van Gennip

De moord op journalisten, propaganda door de staat Israël én het marginaliseren van Palestijnse stemmen in internationale media hebben de genocide in de Gazastrook mede mogelijk gemaakt. Dat is de conclusie van het nieuwe rapport van Francesca Albanese, speciaal VN-rapporteur voor de Palestijnse Gebieden, getiteld ‘De waarheid onder het puin’. In het rapport is ook Nederlandse inbreng verwerkt.

Daders van genocide en hun medeplichtigen proberen vaak te beïnvloeden hoe de vernietiging door genocide wordt waargenomen en hoe die wordt herinnerd, schrijft Albanese in de inleiding. Daarom is het voor daders en medeplichtigen van belang om de media naar hun hand te zetten.

Israël doet dat door Palestijnse journalisten te vermoorden en communicatie-infrastructuur te vernietigen, door intensief propaganda te voeren en tegelijkertijd censuur toe te passen, en de Gazastrook af te sluiten voor buitenlandse journalisten. Invloedrijke internationale media helpen Israël door onder andere het reproduceren van Israëlische propaganda, het ontmenselijken van Palestijnen en het onderdrukken van legitieme kritiek op Israël. Gezamenlijk, schrijft Albanese, zijn deze praktijken een aanval op de waarheid, en die aanval doet precies waarvoor die is bedoeld: genocidaal geweld verbergen.

Vergelding

Sinds 7 oktober 2023 heeft Israël in de Gazastrook bijna driehonderd journalisten gedood en meer dan vierhonderd verwond. De meeste kwamen om bij willekeurige aanvallen op burgergebieden, maar ongeveer zeventig van hen werden doelbewust vermoord als vergelding voor hun werk. In geen enkel conflict ter wereld zijn ooit zo veel journalisten omgekomen en vermoord. Ook vóór 2023 waren Israël en de bezette Palestijnse gebieden al onveilig voor journalisten: volgens de Committee to Protect Journalists kwamen tussen 1992 en oktober 2023 25 journalisten om door moord of door gevaarlijke omstandigheden tijdens hun werk. Albanese:

Gedurende de decennialange bezetting van Palestina heeft Israël er systematisch naar gestreefd de Palestijnse journalistiek het zwijgen op te leggen om de onderdrukking van het Palestijnse volk te verhullen en verantwoording te ontlopen.

Dat is een schending van het internationaal recht: journalisten zijn burgers en genieten dus bescherming. Redactiekantoren, apparatuur en communicatiefaciliteiten (zoals zendtorens, kabels, internetverbindingen) zijn civiele objecten, en ook die mogen niet worden aangevallen of vernietigd. Die bescherming vervalt alleen als journalisten actief meedoen aan gevechten of als van apparatuur en andere spullen is vastgesteld dat die militair worden gebruikt. Daarvan is in de Gazastrook en op de bezette Westelijke Jordaanoever geen sprake (geweest).

Israëls tactiek om journalisten neer te zetten als strijders, terroristen of Hamasleden, veegt Albanese van tafel. Zelfs als er bewijs zou zijn dat journalisten voor een medium werken dat aan Hamas gelieerd is of door Hamas wordt gefinancierd, of als er bewijs zou zijn dat ze lid zijn van Hamas, dan nog blijven journalisten volgens het internationaal recht burgers.

Israël schakelt journalisten (en andere mediamensen, zoals cameramensen en technici) ook uit door ze op te pakken. Sinds oktober 2023 heeft het meer dan honderd gearresteerd, waarvan er ongeveer dertig nog steeds vastzitten. Vrijgelaten journalisten rapporteerden te zijn gemarteld, seksueel misbruikt, uitgehongerd en vernederd. De gevolgen daarvan zijn vaak zo heftig, ook mentaal, dat het sommigen niet lukt hun werk na vrijlating weer op te pakken. Eén journalist meldde na zijn vrijlating dat hij was bedreigd:

Als je iets schrijft, komen we terug, arresteren we je opnieuw, geven we je nog eens vijftien tot twintig jaar gevangenisstraf, of vermoorden we jou, je vrouw en je kinderen in je slaapkamer.

Censuur

Terwijl de Palestijnse journalistiek het zwijgen wordt opgelegd, neemt binnen Israël de censuur toe. Wie verslag wil doen over ‘veiligheidskwesties’ heeft toestemming nodig van de militaire censor, de Israëlische publieke omroep staat onder stevige overheidscontrole, en media die buiten de lijntjes kleuren, zoals de krant Haaretz, worden door overheidsinstellingen geboycot. Buitenlandse media mogen nog altijd de Gazastrook niet in, en ook de toegang tot de bezette Westelijke Jordaanoever wordt steeds verder afgeknepen. Al Jazeera mag helemaal niet meer werken vanuit Israël en het kantoor van de zender op de Westoever is op last van Israël gesloten.

Die censuur gaat gepaard met intensieve propaganda. Ook dat is, net als het verstikken van de Palestijnse journalistiek, niet nieuw: Albanese beschrijft hoe Israël Palestijnen al decennialang ontmenselijkt en de media inzet om geweld tegen Palestijnen aan te wakkeren en goed te praten, en stelt vast dat dit sinds oktober 2023 is toegenomen. Een deel van de Israëlische media roept direct op tot genocide en gebruikt woorden als ‘monsters’, ‘kankergezwellen’ en ‘kannibalen’ om Palestijnen te omschrijven, die vervolgens moeten worden ‘uitgeroeid’.

Albanese’s rapport zet ook deze praktijken in de context van het internationaal recht: het zijn schendingen van het Internationaal Verdrag inzake burgerlijke en politieke rechten en het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie. Zo is het recht op informatie een fundamenteel mensenrecht, dat niet mag worden beperkt op basis van vage beschuldigingen van ‘opruiing’ of ‘het aantasten van de legitimiteit van Israël’. Het aanzetten tot genocide is bovendien een schending van het Genocideverdrag.

Westerse media

Westerse media maken nadrukkelijk onderdeel uit van de dynamiek die het Israël mogelijk maakt de genocide straffeloos voort te zetten. Zij nemen vaak Israëlische propaganda over, marginaliseren Palestijnse stemmen en ontmenselijken Palestijnen, en onderdrukken legitieme kritiek op Israël. Ook negeren of verdraaien ze de juridische werkelijkheid. Daardoor wordt de genocide verhuld of gelegitimeerd, en ontlopen de schuldigen hun verantwoordelijkheid.

Albanese koos ervoor juist media te analyseren die bekend staan als gezaghebbend en met hoge journalistieke standaarden. Het gaat om publieke media, zoals de Britse BBC en Duitse ARD en ZDF, maar ook om commerciële, zoals CNN en de New York Times in de VS. Eerder dit jaar vroeg Albanese bovendien om input uit andere landen, die ze de afgelopen maanden kreeg uit Australië, Canada, Duitsland, Finland, Frankrijk, Ierland, Italië, Oostenrijk, Slowakije, Tsjechië, het Verenigd Koninkrijk, de VS, Zwitserland, én uit Nederland.

Westerse media maken nadrukkelijk onderdeel uit van de dynamiek die het Israël mogelijk maakt de genocide straffeloos voort te zetten. Israëlische leugens worden overgenomen zonder verificatie.

De Nederlandse inbreng is niet specifiek benoemd in het rapport, maar meegenomen in de bredere analyse. Er doemt een beeld op van media die zwaar leunen op Israëlische bronnen. De invloed van Israëlische officials en lobbyorganisaties gaat zelfs zo ver dat interne richtlijnen bij media erop worden aangepast. Zo lekten de redactionele richtlijnen van de BBC uit, die voorschrijven dat niet over ‘bezette gebieden’ wordt gesproken maar over ‘betwiste gebieden’.

Uitgelekte richtlijnen van CNN adviseren tegen het gebruik van de woorden ‘genocide’, ‘etnische zuivering’ en ‘bezet gebied’, en het woord ‘Palestina’ mag alleen in ‘zeer zeldzame gevallen’ worden gebruikt. CNN heeft zijn journalisten bovendien opgedragen om ‘ons publiek eraan te herinneren’ dat de aanvallen van Hamas op Israëlische burgers op 7 oktober 2023 de oorzaak van het conflict zijn.

Historische context

En dan worden ook Israëlische leugens overgenomen zonder verificatie. Albanese noemt de opvallendste op: Hamas zou op 7 oktober 2023 baby’s hebben onthoofd, zou commandocentra hebben onder ziekenhuizen in de Gazastrook en zou geïnfiltreerd zijn in de UNRWA, de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen. De gevolgen van het herhalen van die leugens juist door media die voor veel mensen in het westen als betrouwbaar worden gezien, worden door Palestijnen direct gevoeld: ziekenhuizen worden straffeloos gebombardeerd, en de UNRWA raakt fondsen kwijt en kan zich steeds minder goed inzetten voor Palestijnen.

Maar de journalistieke medeplichtigheid aan genocide gaat nog een stap verder: de onderzochte westerse media verzuimen de huidige genocide in een historische context te zetten én de juiste juridische kaders te schetsen. De Nakba van 1948, de decennialange wrede en illegale bezetting, de uitbreiding van de illegale nederzettingen, de inmiddels bijna twee decennia durende blokkade van de Gazastrook – het wordt allemaal niet genoemd of geminimaliseerd. Wel herhaaldelijk genoemd is Israëls ‘recht op zelfverdediging’, terwijl juist dat internationaalrechtelijke principe helemaal niet van toepassing is op de situatie in de Gazastrook.

En als Israëls misdaden niet meer ontkend kunnen worden, wordt de Israëlische verantwoordelijkheid tóch nog weggepoetst. Albanese schrijft:

Toen bepaalde feiten niet langer konden worden ontkend of ‘verhuld’, werd de Israëlische verantwoordelijkheid in de berichtgeving vaak weggelaten of gebagatelliseerd. Een treffend voorbeeld betreft de dood van Hind Rajab door Israëlische troepen, waarover de BBC bericht met de kop: “Hind Rajab, 6, dood gevonden in Gaza dagen na telefoontjes om hulp”.

De juridische kaders die wél van toepassing zijn, raken telkens ondergesneeuwd. Albanese noemt bijvoorbeeld dat VN-commissies vaststellen dat Israël genocide pleegt op de Palestijnen, dat het Internationaal Gerechtshof waarschuwt voor genocide en dat VN-lidstaten alles in het werk moeten stellen om dat te voorkomen. Dergelijke zaken worden vaker als meningen behandeld dan als feiten.

Zorgvuldigheidsplicht

Zijn westerse media ook juridisch verantwoordelijk te houden voor hun falen? Volgens Albanese wel. Publieke omroepen hebben de verplichting (op grond van het Internationaal Verdrag inzake burgerlijke en politieke rechten en het Internationaal Verdrag inzake de eliminatie van alle vormen van rassendiscriminatie) geen haat te verspreiden en het publiek goed te informeren. Publieke media kunnen daarop worden aangesproken.

Zijn westerse media ook juridisch verantwoordelijk te houden voor hun falen? Volgens Albanese wel.

Ook private media hebben plichten, zoals bijvoorbeeld vastgelegd in de Richtlijnen inzake Bedrijven en Mensenrechten. Daaronder valt ook een verhoogde zorgvuldigheidsplicht in geval van gewapende conflicten. Bedrijven moeten zich daar aan houden, en overheden hebben de plicht mensenrechtenschendingen door bedrijven in hun land te voorkomen, onderzoeken, bestraffen en herstellen.

Zo werken de drie dynamieken die Albanese in haar rapport beschrijft – moord op Palestijnse journalisten en het verstikken van de Palestijnse journalistiek, Israëlische censuur en propaganda, en medeplichtigheid van westerse media – in samenhang aan het doel dat Israël zich sinds jaar en dag stelt: de Palestijnse samenleving vernietigen en de Palestijnen verdrijven en vermoorden. Albanese noemt het ‘mediacide’: de vernietiging van de essentiële rol die de media vervullen in de informatievoorziening over Palestina.

© 2007 - 2026 The Rights Forum / Privacy Policy