Nieuwsoverzicht / Israël-Palestina in het kort – 6 december 2021

Met onder andere: Nederland komt met wet voor maatschappelijk verantwoord ondernemen, drie Palestijnen gedood, naar verluidt na pogingen tot aanslagen, en nieuw rapport B’Tselem en PCHR: Israëlisch onderzoek naar Grote Mars van Terugkeer een farce.

Bij de Israëlische aanvallen op de Palestijnse Grote Mars van Terugkeer-demonstraties in 2018 en 2019 vielen aan Palestijnse zijde honderden doden en tienduizenden gewonden. Het Israëlische onderzoek naar de slachtoffers is volgens het Palestinian Centre for Human Rights en de Israëlische mensenrechtenorganisatie B'Tselem ontoereikend. [c] UNRWA / Mahmoud Bassam  

Nederland komt met wet voor maatschappelijk verantwoord ondernemen

Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking De Bruijn heeft aangekondigd dat het kabinet de invoering van een Nederlandse wet voor verantwoord en duurzaam ondernemen gaat voorbereiden. Hij deed dat tijdens een Tweede Kamerdebat op 2 december over Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO). Met deze wetgeving zet Nederland een grote stap om mensenrechten en het milieu in wereldwijde waardeketens te beschermen.

Uitblijven Europese regelgeving

Het besluit van de regering volgt op het nieuws van vorige week dat een voorstel van de Europese Commissies voor EU-wetgeving over verantwoord ondernemen voor onbepaalde tijd is uitgesteld. De Bruijn zei daarover zeer teleurgesteld te zijn. Omdat het onduidelijk is wanneer de Europese Commissie weer aan de slag gaat met de regelgeving is de tijd nu gekomen voor nationale wetgeving, aldus De Bruijn. Daarmee hoopt de minister ook de druk op de Commissie op te voeren. In onder meer Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk bestaat al wetgeving voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Ontmoedigingsbeleid

Tot nu toe bestond de Nederlandse IMVO-regelgeving voornamelijk uit een ontmoedigingsbeleid. Van bedrijven werd verwacht dat zij zelf verantwoordelijkheid namen voor het volgen van de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en de OESO-richtlijnen en het screenen van hun zakelijke relaties op eventiele betrokkenheid bij mensenrechtenschendingen.

Uit het in december gepubliceerde rapport Don’t Buy into Occupation – Exposing the financial flows into the illegal Israeli settllements blijkt dat Nederlandse financiële instellingen die gedragscodes massaal aan hun laars lappen als het gaat om hun banden met bedrijven die betrokken zijn bij de illegale Israëlische kolonisering van Palestijns gebied. De nieuwe Nederlandse IMVO-wetgeving, die naar verwachting over twee jaar gereed zal zijn, zou daar een eind aan moeten maken.

Drie Palestijnen gedood, naar verluidt na pogingen tot aanslagen

Op 4 december hebben Israëlische troepen een Palestijnse man in bezet Oost-Jeruzalem doodgeschoten nadat hij naar verluidt een Israëlische burger had neergestoken. Volgens hulpdiensten werd het Israëlische slachtoffer, een ultraorthodoxe man van in de twintig, naar een ziekenhuis overgebracht. Volgens het ziekenhuis is zijn situatie stabiel. De Palestijnse man werd geïdentificeerd als de 23-jarige Mohammed Salima.

Buitengerechtelijke executie

Het handelen van de Israëlische militairen heeft tot stevige kritiek geleid. Op videobeelden van het incident is te zien hoe twee Israëlische militairen van dichtbij op Salima schieten terwijl hij al gewond op de grond ligt en geen bedreiging meer vormt. Vervolgens werd de hulpdiensten van de Palestijnse Rode Halve Maan verhinderd eerste hulp te verlenen, en lieten de Israëlische troepen de Palestijn op straat doodbloeden.

De vertegenwoordiger van de VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten in de bezette Palestijnse gebieden (OHCHR) sprak zijn afschuw uit over het incident. ‘Buitengerechtelijke executies zoals deze zijn het gevolg van de regelmatige toevlucht tot dodelijk geweld door goed bewapend en goed beschermd Israëlisch veiligheidspersoneel tegen Palestijnen, en het bijna totale gebrek aan verantwoordelijkheid voor moorden en verwondingen van Palestijnen door Israëlische troepen,’ aldus de OHCHR.

Steun van Israëlische premier

Israël is een onderzoek gestart naar de dodelijke schietpartij en de twee betrokken militairen zijn verhoord. Het is desondanks onwaarschijnlijk dat zij verantwoordelijk worden gehouden voor hun handelen. De Israëlische premier Naftali Bennett zei dat hij hen ‘volledig steunt’, en dat ze ‘hadden gehandeld zoals wordt verwacht van Israëlische militairen’. Op Twitter werd daarnaast een foto gedeeld van de twee militairen, die na hun verhoor door hun commandant werden getrakteerd op donuts.

Twee Palestijnse doden bij mogelijke aanvallen op Westoever

Een dag eerder, op 3 december, hadden Israëlische troepen ook al een Palestijnse man doodgeschoten, naar verluidt nadat hij met een auto was ingereden op een Israëlische patrouille. Het incident voltrok zich in Umm al-Fahm, in bezet Palestijns gebied. Twee Israëlische militairen en de bijrijder in de auto raakten gewond.

In de nacht van 5 op 6 december doodden Israëlische troepen een derde Palestijn. De zestienjarige jongen, Muhammad Nadal Yunis uit Nablus, werd neergeschoten nadat hij met een auto op een Israëlisch checkpoint was ingereden. Eén Israëlische bewaker raakte daarbij gewond.

Een eerste onderzoek van het Israëlische ministerie van Defensie wees uit dat de tiener ruzie had gekregen met zijn vader. Vervolgens nam hij de auto van zijn vader en ramde deze met hoge snelheid over een trottoir en door een betonnen barrière bij het checkpoint, waar hij de bewaker raakte. Het hoofd van het beveiligingsteam schoot Yunis vervolgens neer.

Rapport B’Tselem en PCHR: Israëlisch onderzoek naar Grote Mars van Terugkeer een farce

Het Israëlische leger heeft zijn eigen beleid en handelen tijdens de Grote Mars van de Terugkeer onvoldoende onderzocht. Dat is de conclusie van een nieuw rapport van de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem en het in Gaza gevestigde Palestinian Center for Human Rights (PCHR). Bij de demonstraties in het kader van de Grote Mars, die in 2018 en 2019 wekelijks plaatsvonden bij het grenshek tussen Gaza en Israël, schoten Israëlische troepen ruim 250 Palestijnen dood en vielen tienduizenden gewonden, waarvan 8000 door scherpe munitie.

Het rapport, getiteld ‘Unwilling and Unable: Israel’s Whitewashed Investigations of the Great March of Return Protests’, is het resultaat van ruim een jaar aan onderzoek en interviews met getuigen. Het beschrijft hoe het leger een beleid voerde waarbij met scherpe munitie op ongewapende demonstranten werd geschoten, grotendeels door Israëlische scherpschutters. ‘Ze schoten gehandicapten neer, ze beschoten kinderen, jong en oud, om hen te doden, te verlammen of lichaamsdelen te amputeren’, aldus Raji Sourani, directeur van het PCHR. Ook medische hulpverleners en journalisten waren het doelwit.

Volgens onderzoekers hadden de Israëlische autoriteiten na internationale druk beloofd het beleid van het leger te onderzoeken, maar is niemand die betrokken was bij de totstandkoming of uitvoering van het beleid ooit ondervraagd. In plaats daarvan richtten de autoriteiten hun aandacht op specifieke moorden die als ‘uitzonderlijk’ werden beschouwd. En zelfs in die gevallen werden de verantwoordelijke militairen of officieren niet of nauwelijks verantwoordelijk gehouden voor hun daden.

Als voorbeeld wees Yael Stein, onderzoeksdirecteur van B’Tselem, op de moord op de vijftienjarige Haitham Khalil Mohammed al-Jamal in juni 2018. Het Israëlische leger veroordeelde de verantwoordelijke soldaat niet voor het doden van een ongewapend Palestijns kind dat geen bedreiging vormde, maar voor het feit dat hij had geschoten zonder toestemming van zijn officier. De soldaat, de enige die tot nu toe gestraft is, werd veroordeeld tot een maand dienstplicht. Volgens Stein is de zaak ‘indicatief’ voor de manier waarop Israël ‘nooit echt van plan is iets te doen’ om soldaten die Palestijnen doodschieten daarvoor verantwoordelijk te houden.

‘Het enige wat Israël deed in reactie op de aantallen [Palestijnse slachtoffers] en de internationale kritiek was te zeggen dat we een onderzoek openen’, zei Stein tijdens de persconferentie rondom de publicatie van het rapport. ‘Het punt is dat het niet genoeg is om te zeggen dat je aan het onderzoeken bent, je moet het echt onderzoeken. En dat heeft Israël niet gedaan.’

Sloop en confiscatie van Palestijnse huizen gaat op hoog tempo door

Op verschillende plekken op de bezette Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, hebben de Israëlische autoriteiten afgelopen week slooporders uitgevaardigd of uitgevoerd. 2021 ligt daarmee op schema om het jaar te worden waarin de meeste Palestijnse huizen zijn gesloopt sinds het VN-Agentschap voor de Coördinatie van Humanitaire Zaken in 2009 begon met het bijhouden van cijfers, met uitzondering van 2016. Tot nu toe zijn dit jaar 826 huizen gesloopt, waardoor ruim duizend Palestijnen dakloos raakten.

Gedwongen sloop van woningen

Afgelopen weekend werden twee Palestijnse families gedwongen zelf hun huizen met de grond gelijk te maken. Op 4 december sloopte Moath Rajabi het huis in Beit Hanina waar hij slechts 45 dagen eerder met zijn familie was ingetrokken. Het huis, waarvoor hij veel geld had geleend, was volgens de autoriteiten zonder de benodigde vergunningen gebouwd. Die vergunningen worden vrijwel nooit toegekend, waardoor het voor Palestijnen nagenoeg onmogelijk is huizen te bouwen. Een dag later werd ook Mohammad Amira gedwongen zijn huis in Wadi al-Hummus te slopen. In die buurt in Oost-Jeruzalem zijn in het verleden al tientallen woningen gesloopt en lopen vele anderen hetzelfde gevaar. Besluiten Palestijnen de slooporders niet uit te voeren, dan doet het Israëlische leger dat en wordt de eigenaars hoge boetes opgelegd. Dat overkwam Mohammad Zaytoon vorige week, omdat hij weigerde om zelf zijn woning in Silwan te slopen waar hij al vijf jaar met zijn vrouw en drie kinderen woont.

Tenten en agrarische faciliteiten

Niet alleen woonhuizen zijn het doelwit van het Israëlische sloopbeleid. Ook tenten, schuren en andere agrarische faciliteiten op de bezette Westelijke Jordaanoever worden regelmatig gesloopt of in beslag genomen. Op 5 december confisqueerden Israëlische troepen drie tenten in het bedoeïenendorp Khirbet Humsah, in de noordelijke Jordaanvallei. Het dorp werd in het verleden meermaals met de grond gelijk gemaakt. Diezelfde dag namen Israëlische troepen ook tenten in beslag in het dorp Beit Furik, ten oosten van Nablus. De eigenaar van de tenten, de boer Arafat Mahmoud Nasasra, werd vervolgens van zijn land gejaagd. Eerder in de week werden daarnaast twee schuren in Nahhalin, een autogarage in Beit Jala en waterleidingen in de Jordaanvallei gesloopt.

Nederland onthoudt zich in VN van stemming over status Jeruzalem

De Algemene Vergadering van de VN (AVVN) heeft op 2 december twee resoluties aangenomen over de kwestie-Israël/Palestina. In de eerste resolutie bevestigde de AVVN zijn toewijding aan het bereiken van een alomvattende, rechtvaardige en duurzame vrede in het Midden-Oosten. Ook werd Israël opgeroepen alle unilaterale acties in de bezette Palestijnse gebieden te staken.

In de tweede resolutie herhaalde de AVVN zijn standpunt dat alle acties van Israël om zijn wetten, jurisdictie en bestuur op te leggen aan Jeruzalem illegaal zijn. Alle maatregelen die het geografische, demografische en historische karakter en de status van de Heilige Stad Jeruzalem hebben veranderd zijn bovendien ‘nietig en moeten worden ingetrokken in overeenstemming met de relevante resoluties van de Veiligheidsraad,’ aldus de resolutie.

In tegenstelling tot 129 andere landen onthield Nederland zich van stemming op de resolutie over de status van Jeruzalem. De meeste andere Europese landen, waaronder België, Luxemburg, Ierland, Frankrijk, Italië en Spanje, stemden wel voor. Het is schrijnend dat juist Nederland, met Den Haag als ‘internationale hoofdstad van vrede en recht’, zich niet uitspreekt tegen deze grove schendingen van het internationaal recht.

Israël arresteerde in november 365 Palestijnen in bezet gebied

Uit de maandelijkse reportage van het Palestine Center for Prisoner Studies blijkt dat Israël in november 365 Palestijnen heeft gearresteerd, onder wie 42 kinderen. Van hen werden 130 opgepakt in bezet Oost-Jeruzalem, en 48 in Hebron (Arabisch: Al-Khalil). Ook werden tien vissers voor de kust van Gaza opgepakt. Een aantal Palestijnen werd daarnaast gearresteerd bij pogingen het grenshek tussen Gaza en Israël over te steken. Momenteel houdt Israël 4.650 Palestijnen vast, onder wie 160 minderjarigen en 500 administratieve gevangenen.

Waardeert u ons journalistieke werk? Help ons dat voort te zetten.