‘Abu Ghraib’ / Schokkende beelden van mishandeling Palestijnse gevangenen in Israëlische gevangenis

Tientallen gevangenen worden geboeid over de grond gesleurd, op een hoop gegooid en afgeranseld. De zaak verdween in de doofpot, en dat is geen uitzondering.

Screenshot uit de door Haaretz naar buiten gebrachte video.  

De beelden dateren uit 2019 en zijn naar buiten gebracht door de Israëlische krant Haaretz in zijn Hebreeuwse editie. Ze tonen de mishandeling van een kleine zestig Palestijnse gevangenen door zo’n vijftien gevangenisbewaarders in de C-vleugel van de Ketziot-gevangenis in de Negev/Naqab in Israël. De gevangenen worden geboeid over de betonnen vloer gesleept, boven op elkaar gegooid, geschopt en met wapenstokken geslagen. Vijftien gevangenen raakten zodanig gewond dat ze in het ziekenhuis belandden. De beelden roepen herinneringen op aan de mishandeling van Iraakse gevangenen door Amerikaanse militairen en CIA-medewerkers in de Abu Ghraib-gevangenis bij Bagdad in 2004.

Doofpot

In zijn redactioneel commentaar schrijft Haaretz dat het geweld kennelijk een wraakactie was voor het neersteken van een bewaarder elders in het gevangeniscomplex – volgens Wikipedia het grootste detentiecentrum van Israël en zelfs ter wereld. De Israel Prison Service maakte destijds bekend dat veiligheidstroepen op de bewuste dag ‘een opstand van gevangenen onder controle hadden gebracht’. Op de beelden is van een opstand echter niets te zien.

De zaak is door de autoriteiten in de doofpot gestopt, schrijft Haaretz. De Prison Service ‘keek de andere kant op’ en de onderzoeksafdeling van de Israëlische politie – de National Prison Investigation Unit – volstond met het ondervragen van één gevangenisbewaarder. Hoewel die toegaf zich schuldig te hebben gemaakt aan ‘onnodig geweld’, werd geen vervolging ingesteld. De zaak werd gesloten onder het mom dat ‘de dader onbekend is’.

De politie ‘veegde de zaak onder het tapijt’, concludeert Haaretz, en ook de openbaar aanklager kwam niet in actie. ‘Het is moeilijk voor te stellen dat het zo zou zijn gelopen als de gevangenen Joden waren geweest’, voegt de krant daaraan toe. In dit geval ging het echter om ‘terroristen en veiligheidsgevangenen die lid waren van Hamas’.

Geen uitzondering, maar regel

Overigens betekent dat niet dat de gevangenen daadwerkelijk lid waren van Hamas en een misdaad op hun geweten hebben. Afgelopen jaar besteedden wij in een brede analyse aandacht aan het oppakken van Palestijnen onder het mom van ‘betrokkenheid bij terrorisme’. Onder die noemer verdwijnen aan de lopende band Palestijnen uit de door Israël bezette gebieden in Israëlische gevangenissen. Het is onderdeel van ‘het intimideren en terroriseren van de bevolking door het Israëlische bezettingsregime’, concludeerden wij.

Daarop wijst vandaag ook de vooraanstaande Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem. In een persbericht schrijft het dat het ‘witwassen’ van de zaak door de autoriteiten geen uitzondering is, maar regel: de Israëlische overheersing van de Palestijnen is gebaseerd op geweld en het witwassen daarvan. De nu naar buiten gekomen zaak onderstreept volgens B’Tselem het belang van onderzoek en vervolging door internationale gerechtshoven als het Internationaal Gerechtshof en het Internationaal Strafhof in Den Haag:

Het Israëlische apartheidsregime is gebaseerd op constant, georganiseerd geweld tegen Palestijnen. Dat geweld is cruciaal voor zijn voortbestaan. Daarom is het regime noch bereid, noch in staat om degenen die het geweld plannen en uitvoeren te onderzoeken, laat staan ​​te vervolgen. […] De zaak bewijst eens te meer dat Palestijnse slachtoffers van geweld van Israëlische veiligheidstroepen binnen het bestaande Israëlische systeem geen gerechtigheid kunnen krijgen, en alleen kunnen hopen op behandeling van hun zaken door internationale gerechtshoven.

Mishandeling schering en inslag

Het mishandelen en martelen van Palestijnse ‘verdachten’ en ‘veiligheidsgevangenen’ is in Israëlische ondervragings- en detentiecentra schering en inslag. Het Israëlische Hooggerechtshof staat echter ‘speciale ondervragings­methoden’ toe als er sprake is van ‘bijzondere veiligheidsrisico’s’, en die bepaling biedt politiediensten, de Prison Service en de veiligheidsdienst Shin Bet een vrijbrief om verdachten te mishandelen zonder dat er een haan naar kraait. Het Israëlische Comité tegen Marteling (PCATI) diende tussen 2001 en 2020 circa 1300 officiële klachten wegens marteling door de Shin Bet in. Dat leidde in slechts één geval tot strafrechtelijk onderzoek, dat uitliep op seponering.

Het martelen van gevangenen is onder internationaal recht en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens strikt verboden en geldt in het oprichtingsverdrag van het Internationaal Strafhof – het Statuut van Rome – als een oorlogsmisdaad. Eerder dit jaar maanden zeven mensenrechtenexperts van de VN Israël zich aan het internationaal recht te houden en rigoureus een eind te maken aan de verboden praktijken. De autoriteiten dienen alle wetten, voorschriften, beleidslijnen en praktijken die zulke misdaden mogelijk maken met spoed te herzien. Staten zijn verplicht marteling en mishandeling te voorkomen en, in het geval zulk wangedrag toch plaatsvindt, te bestraffen. Slachtoffers dienen gerehabiliteerd en gecompenseerd te worden.

Waardeert u ons journalistieke werk? Help ons dat voort te zetten.