Sport staat voor ontwikkeling, ontspanning, gezondheid, verbondenheid, herinneringen en toekomstdromen. Net als in Nederland – en waarschijnlijk nog méér dan bij ons – is met name voetbal in Palestina een belangrijke sociaal-maatschappelijke bouwsteen. Zelfs onder de extreem moeilijke omstandigheden proberen de Palestijnen in de Gazastrook WK-voetbalwedstrijden te kijken, zoals we deze week schreven. De bewuste vernietiging van het Palestijnse voetbal door Israël heeft één doel: de ontwrichting en sloop van de Palestijnse samenleving als geheel.
De Israëlische aanval op de Palestijnse sport heeft meerdere gezichten. In de Gazastrook heeft Israël de voetbalinfrastructuur volledig vernietigd. Op de Westelijke Jordaanoever wordt Palestijnse clubs en het nationale elftal het spelen onmogelijk gemaakt door structureel Israëlisch geweld en restricties. Intussen zijn zeven Israëlische clubs actief in Israëlische nederzettingen in bezet Palestijns gebied. The Rights Forum schetst de situatie in de Gazastrook en op de Westoever, en de rol die de FIFA daarin speelt.
567 voetballers gedood
Op 29 juni werd in de Gazastrook Salim al-Ashqar vermoord. De 32-jarige Palestijnse doelman was onderweg naar huis en stopte om kookgas voor zijn gezin te kopen toen hij door een Israëlische tank werd beschoten. Al-Ashqar was de 1.009e Palestijnse atleet, trainer of sportofficial die sinds oktober 2023 door Israël is gedood. Onder de doden zijn minstens 567 voetballers, het equivalent van ruim 51 elftallen.
Gevoetbald had Al-Ashqar al lang niet meer. Uit een opgave van de Palestijnse voetbalbond blijkt dat Israël tussen 7 oktober 2023 en 12 februari 2026 in de Gazastrook 265 sportfaciliteiten – stadions, velden, hallen, zwembaden, sportscholen en bestuurskantoren – heeft aangevallen, waarvan het er 184 compleet heeft verwoest. Stadions die nog enigszins overeind staan, zijn ingericht als tentenkampen voor ontheemde Palestijnen.
Deze aantallen wijzen uit dat geen sprake is van collateral damage – een afzwaaier die per ongeluk een sportfaciliteit raakt –, maar van een bewuste Israëlische strategie om de volledige sportinfrastructuur van de Gazastrook te vernietigen. Illustratief is dat het Israëlische leger met bulldozers speelvelden omploegde en tribunes afbrak, zoals in het Yarmouk-stadion in Gaza-stad. Daarvoor zaten daar honderden gedetineerde Palestijnse mannen, vrouwen en kinderen, uitgekleed tot hun ondergoed, geblinddoekt en geknield op het grasveld onder de bewaking van Israëlische soldaten.
Zelfs kijken naar voetbal is riskant, blijkt uit de dood van Muhammad al-Walidi, de Egyptische hulpverlener die in Gaza openbare vertoningen van het wereldkampioenschap voetbal organiseerde. Op 7 juli werd hij gedood, terwijl hij onderweg was naar de vertoning van de wedstrijd Egypte-Argentinië in Gaza-stad.
De raket waarmee Israël de taxi met Al-Walidi opblies, was bestemd voor een ‘terrorist van Hamas’, aldus het Israëlische leger. Onder de drie eveneens gedode omstanders waren twee broertjes van 8 en 10 jaar oud; zij waren op weg naar huis na een potje straatvoetbal.
Twaalf jaar geleden: de moord op de Bakr Boys
Precies twaalf jaar geleden doodde Israël vier neefjes van de Bakr-familie, 9 tot 11 jaar oud, die een potje voetbalden op het strand bij Gaza-stad. Daar werden ze op de korrel genomen door een Israëlische drone die twee salvo’s raketten op hen afvuurde. Tussen de salvo’s renden de jochies tevergeefs voor hun leven.
De liquidatie van de vier ‘Bakr Boys’ leidde tot een schandaal, te meer daar die op klaarlichte dag plaatsvond – én onder de ogen van de wereldpers die in de hotels langs het strand verbleef. Wie online zoekt op ‘Bakr Boys’ krijgt een indruk van de aandacht die de zaak kreeg, zowel van de media als van mensenrechtenorganisaties.
Maar in 2015 sloot het Israëlische leger de zaak. Tegen de daders werd geen aanklacht ingediend. Die dachten dat zij ‘Hamas-terroristen’ beschoten, luidde de verklaring. In 2022 weigerde het Israëlische Hooggerechtshof de zaak te heropenen. Het Hof baseerde zich deels op ‘geheim bewijs’.
Lees verder
Lees minder
Infantino’s voetbalsprookje
Wereldvoetbalbond FIFA heeft nooit getracht de ondergang van het Palestijnse voetbal te voorkomen of stuiten. Anders dan in 2022, toen de FIFA het integrale Russische voetbal met uitsluiting strafte vanwege de Russische inval in Oekraïne, heeft die organisatie Israël niet geschorst in verband met de genocide in de Gazastrook. De FIFA eist in dat gebied zelfs een voortrekkersrol op, die al tot resultaten had zullen leiden.
Op 19 februari kondigde de organisatie een ambitieus plan aan. Samen met de in januari door de Amerikaanse president Donald Trump opgerichte zogeheten Board of Peace, zegde FIFA-president Gianni Infantino de Palestijnen in de Gazastrook een professionele voetbalinfrastructuur toe. In de eerste van vier fasen zouden vijftig ‘veilige en toegankelijke’ mini-velden worden aangelegd en materialen beschikbaar gesteld. Ook zou het FIFA for Schools-programma worden uitgerold en de lokale gemeenschap maximaal worden betrokken.
De innige band tussen Infantino en Trump
Onder Infantino is de FIFA meer dan ooit een politiek instrument geworden, luidt aanzwellende kritiek. Dat de FIFA zich inlaat met Trumps ‘Vredesraad’ en diens megalomane plannen voor de Gazastrook – waarbij de Palestijnen niet zijn geraadpleegd – valt niet te verenigen met het mandaat van een voetbalassociatie. Maar de band tussen de presidenten van de VS en FIFA gaat nog verder.
Op 17 januari 2025 was Infantino te gast bij Trump in diens resort Mar-a-Lago in Florida. In de dagen erna was hij aanwezig bij Trumps pre-inauguratie ‘overwinningsspeech’ en bij diens inauguratie.
En in oktober 2025 schoof Infantino in het Egyptische Sharm al-Sheikh aan bij de wereldleiders tijdens hun top over de Gazastrook. Twee maanden later reikte hij Trump een nieuwe, door Infantino zélf bedachte ‘FIFA Vredesprijs’ uit, vanwege diens ‘uitzonderlijke en buitengewone acties voor vrede en eenheid in de wereld’. En begin deze maand slaagde Trump erin om de schorsing van de Amerikaanse sterspeler Folarin Balogun door de FIFA ongedaan te laten maken.
Lees verder
Lees minder
Deze eerste fase zou binnen drie tot zes maanden, tussen 19 mei en 19 augustus, zijn voltooid, maar van de vijftig velden is niets te bekennen. Over de realisatie van de overige fases is niets bekend.
Detentie, verminking en moord
De Palestijnse voetbalfederatie (PFA) werd opgericht in 1928 in wat destijds het Britse mandaatgebied Palestina was. Het nationale team werd pas in 1998 door de FIFA erkend. Israël heeft de ontwikkeling van het Palestijnse voetbal op de Westoever decennialang structureel gesaboteerd. Spelers kregen reisverboden of werden opgepakt, verminkt of gedood (zie verderop onderaan de tabbladen in de dataset van Visualizing Palestine)
Ook het nationale elftal kreeg reisverboden opgelegd, waardoor trainingen en uitwedstrijden in de Aziatische kwalificatiereeks moesten worden geannuleerd en door de FIFA werden omgezet in een nederlaag. Onder andere als gevolg daarvan bestaat het huidige nationale elftal grotendeels uit spelers uit de Palestijnse diaspora, met name Chili en de VS.
The Team That Could Have been
In het kader van het Wereldkampioenschap voetbal 2018 deed Visualizing Palestine onderzoek naar de Palestijnse selectie die zich eventueel had kunnen kwalificeren. Op grond van openbare bronnen vonden de onderzoekers 56 spelers – ruim vijf elftallen – die door Israëlisch geweld en restricties niet konden deelnemen aan de kwalificaties.
De gepubliceerde dataset maakt onderscheid tussen opgelegde reisbeperkingen, arrestaties, bombardementen, beschietingen (veelal door scherpschutters en bij checkpoints), gedode en geamputeerde spelers. Hoewel de onderzoekers erop wijzen dat het overzicht niet compleet is, stelden zij onder de noemer The Team That Could Have Been een selectie samen van elf spelers die Palestina hadden kunnen vertegenwoordigen.
Het overzicht laat zien dat Palestijnse spelers in meerdere gevallen bewust zijn verminkt om een einde aan hun loopbaan te maken. Zo werd de 19-jarige Jawhar Nasser op weg van een training naar huis bij een checkpoint elf maal beschoten, onder andere in zijn benen en voeten. Ook werden honden op hem losgelaten. Hij moest zich in Jordanië laten behandelen, maar werd bij terugkeer door Israël opgepakt. Het 17-jarige talent Adam Halabiya werd na de training bij een checkpoint in beide voeten geschoten. Ook hij werd na terugkeer uit Jordanië opgepakt.
Westoever: kolonisering door voetbal
Parallel hieraan vestigt Israël eigen voetbalclubs in bezet gebied. Intussen zijn zeven Israëlische clubs actief op de bezette Palestijnse Westelijke Jordaanoever en drie op de bezette Syrische Hoogvlakte van Jawlan (Golan). Alle tien staan onder de hoede van de Israëlische voetbalbond IFA.
De aanleg van een Israëlische voetbalinfrastructuur in illegale nederzettingen op de bezette Westoever en in Oost-Jeruzalem is eveneens illegaal. Het overbrengen van Israëlische burgers naar bezet Palestijns gebied om daar op gestolen land de plaats in te nemen van de lokale bevolking is een oorlogsmisdaad. Gezien de raciale opzet van de nederzettingen – verboden voor Palestijnen – is bovendien sprake van apartheid.
Tegen deze vorm van kolonisering door voetbal wordt al jaren geprotesteerd. De Palestijnse voetbalbond eist dat de FIFA en de Europese voetbalbond UEFA (waaronder de Israëlische bond valt) conform hun statuten sancties instellen tegen de Israëlische bond. Mensenrechten- en activistische organisaties voeren actie onder de noemer ‘Rode kaart voor Israël’.
Sponsors van de Israëlische voetbalbond worden onder druk gezet om hun relaties met de bond te verbreken. Adidas (2018) en Puma (2023) gaven daar uiteindelijk gehoor aan. Ook het publiek van Europese clubs als het Schotse Celtic en Spaanse clubs als Alaves en Sevilla staat bekend om zijn solidariteit met de Palestijnen.
FIFA gedoogt en stimuleert onrecht
De FIFA en UEFA blijven de situatie gedogen en zelfs stimuleren, blijkt uit het in juni verschenen rapport Beyond the Green Line: Israeli Settlement Clubs in Occupied Palestine. Dat laat zien hoe de Israëlische clubs in de illegale nederzettingen kunnen blijven groeien, onder andere dankzij financiering door de UEFA en de Amerikaanse regering, en door deelname aan UEFA-competities.
Ook blijkt de FIFA wedstrijden in de illegale nederzetting Har Homa te hebben gestreamd op het kanaal FIFA+. Na publicatie van het rapport wiste de FIFA de sporen naar de uitzendingen, maar de onderzoekers wisten de bewijzen veilig te stellen.
Onder grote druk kwam de FIFA in maart van dit jaar op grond van eigen onderzoek tot een officieel standpunt over de nederzettingenclubs. De bond besloot niet in te grijpen, aangezien ‘de definitieve juridische status van de Westelijke Jordaanoever een onopgeloste en uiterst complexe kwestie blijft in het kader van het internationaal recht’. Op grond hiervan zal de FIFA ‘de dialoog tussen de Palestijnse en Israëlische bonden blijven stimuleren’.
De Israëlische bond kreeg slechts een boete van ruim 160.000 euro opgelegd, vanwege ‘discriminatie en racistische beledigingen’ en ‘aanstootgevend gedrag en schendingen van de fairplay-beginselen’ door fans en officials. Het Israëlische nationale elftal dient voor straf drie wedstrijden onder het anti-racisme-motto te spelen.
Vervolging en solidariteit
De handelwijze van de FIFA draagt bij aan de ondergang van het Palestijnse voetbal en die van de Palestijnse samenleving als geheel. In februari werd daarom tegen FIFA-baas Infantino en UEFA-baas Alexander Cefarin een verzoek tot vervolging ingediend bij het Internationaal Strafhof, vanwege steun aan oorlogsmisdaden en apartheid in bezet Palestijns gebied.
Intussen blijven de Palestijnen aangewezen op internationale solidariteit, zoals die tijdens het WK in Noord-Amerika onder meer werd geuit door de Egyptische bondscoach Hossam Hassan en de supporters van Marokko, Algerije en Bosnië-Herzegovina.