Vernietiging Khan al-Ahmar: hoe opnieuw een rode lijn van de EU sneuvelt
De sloop van bedoeïendorp Khan al-Ahmar op de Westelijke Jordaanoever werd lang tegengehouden door stevige internationale druk. Inmiddels lijkt Israël ook deze rode lijn straffeloos te mogen overschrijden.
Bezalel Smotrich, de Israëlische minister van Financiën, was boos. Hij had berichten ontvangen dat het Internationaal Strafhof een arrestatiebevel voor hem voorbereidt op basis van oorlogsmisdaden en de misdaad van apartheid.
Een ‘oorlogsverklaring’, aldus Smotrich. Niet van het Strafhof, maar van de Palestijnse Autoriteit, dat in 2015 naar het Hof was gestapt met de vraag een onderzoek te beginnen.
Smotrich kondigde vergeldingsmaatregelen aan. ‘Vanaf vandaag zal elk economisch of ander doelwit dat ik binnen de kaders van mijn bevoegdheden [..] kan schaden, worden aangevallen’, zei hij.
Nieuwe oorlogsmisdaad
Hij noemde meteen zijn eerste ‘doelwit’: het bedoeïendorp Khan al-Ahmar op de bezette Westelijke Jordaanoever, in het E1-gebied ten oosten van Jeruzalem. Smotrich, zelf een kolonist uit Kedumim, een van de illegale nederzettingen op de Westoever, gaf het bevel Khan al-Ahmar te ontruimen en slopen, wat opnieuw een oorlogsmisdaad zou zijn.
Israël verdrijft al decennialang Palestijnen van hun land en sloopt hun onroerend goed. Maar sinds de aanval in Zuid-Israël in oktober 2023 heeft de landroof op de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem een enorme vlucht genomen.
Khan al-Ahmar is niet het zomaar het zoveelste Palestijnse dorp dat van de kaart wordt geveegd. Het dorp was in westerse hoofdsteden jarenlang een rode lijn. Als Israël dáár aan zou komen, dán zouden er echt sancties volgen. Deze internationale druk heeft lang, ondanks constante dreiging, daadwerkelijke ontruiming en sloop kunnen voorkomen.
Hoe de sloop in 2018 door internationale druk werd voorkomen
In september 2018 gaf het Israëlische Hooggerechtshof groen licht om Khan Al-Ahmar te slopen. De inwoners ervan kregen tot het eind van de maand om hun huizen af te breken en het dorp te verlaten.
Het Europees Parlement nam in dezelfde maand een scherpe resolutie aan die opriep maatregelen te nemen als Israël zijn plannen zou doorzetten voor de sloop van Khan al-Ahmar.
Toenmalig hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof, Fatou Bensouda, herinnerde Israël eraan dat de sloop van eigendom en de gedwongen verplaatsing van de bevolking in bezet gebied een oorlogsmisdaad is.
Bensouda waarschuwde dat er bij het Strafhof een vooronderzoek liep naar oorlogsmisdaden in de bezette Palestijnse gebieden en gaf aan dat de sloop van Khan al-Ahmar tot ‘passende actie’ van het Hof zou leiden.
Ook Palestijnse, Israëlische, Nederlandse en internationale mensenrechtenorganisaties, inclusief The Rights Forum, stelden dat de sloop van het dorp op een oorlogsmisdaad zou neerkomen.
In een verklaring die door de Nederlandse VN-vertegenwoordiger werd voorgelezen riepen acht Europese landen in de VN-Veiligheidsraad Israël op af te zien van de sloop en het internationaal recht te respecteren. Dezelfde Veiligheidsraad had in 2016 een resolutie aangenomen die van Israël eiste alle nederzettingenactiviteiten te staken.
Ook de binnenlandse Nederlandse politiek trok een rode lijn. Voormalig minister Sigrid Kaag zei in oktober 2018 in de Tweede Kamer dat concrete maatregelen, zoals het ontbieden van de Israëlische ambassadeur en sancties tegen Israël, op tafel zouden komen als de sloop doorgang zou vinden.
Toenmalig Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma zei dat de ontruiming van Khan al-Ahmar ‘natuurlijk een rode lijn is die ook in de Kamer tot en met de VVD feitelijk is bevestigd.’ Sjoerdsma (D66) is inmiddels minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.
Lees verderLees minder
De reden dat Europese hoofdsteden bij Khan al-Ahmar lang wél een rode lijn wilden strekken – en bij de talrijke andere uitbreidingen van nederzettingen of overige oorlogsmisdaden op Palestijnen niet – heeft te maken met de strategische ligging van het dorp: het ligt in het E1-gebied ten oosten van Jeruzalem. De vestiging van kolonisten in dit gebied zou de Westelijke Jordaanoever in tweeën knippen en Oost-Jeruzalem volledig omringen door Israëlische nederzettingen.
De circa 200 bedoeïen die in Khan al-Ahmar wonen, komen oorspronkelijk uit de Naqab (Negev-woestijn), waar ze in de jaren 1950 door Israël uit zijn verdreven. Israël wil ze nu opnieuw dwingen te vertrekken, naar een andere locatie op de Westoever pal naast een grote vuilstortplaats.
Einde van de tweestatenoplossing
Een levensvatbare Palestijnse staat op de Westoever en in Oost-Jeruzalem zou door de kolonisatie van E1 definitief onmogelijk worden – wat het expliciet uitgesproken doel is van Israël. Daarmee zou het onmogelijk worden voor Europese leiders nog vast te houden aan hun officiële beleidsdoel: de tweestatenoplossing.
Deze tweestatenoplossing is volgens tal van analisten in de praktijk allang uit zicht door de vergaande Israëlische kolonisatie van de Westoever. Maar bij een bebouwing van E1 zou de tweestatenoplossing ook op papier op de bureaus van Europese beleidsmakers niet meer zijn vol te houden. Het zou deze landen dwingen afscheid te nemen van de tweestatenoplossing als beleidsdoel.
Waar de EU en Nederland in 2018 dreigden met concrete maatregelen tegen Israël als het Khan al-Ahmar zou slopen, is de druk om de ‘rode lijn’ te bewaken nu beduidend minder. Dat terwijl nu de situatie op de grond veel ernstiger en urgenter is.
Zwakke verklaringen, geen gevolgen
Negen westerse landen, waaronder Nederland, hebben Israël in een gezamenlijke verklaring Israël opgeroepen de bouw in het E1-gebied niet door te zetten. Ook waarschuwden ze bouwbedrijven niet mee te dingen bij aanbestedingen voor het gebied, of bij andere vastgoedprojecten in nederzettingen.
‘[Bedrijven] dienen zich bewust te zijn van de juridische gevolgen van deelname aan de bouw van nederzettingen, waaronder het risico dat zij zich schuldig maken aan ernstige schendingen van het internationaal recht’, aldus de verklaring.
Wat de concrete juridische gevolgen zouden zijn voor bedrijven die in E1 gaan bouwen, verduidelijkt de verklaring niet. Welke consequenties de Israëlische regering zou ondervinden evenmin. De landen repten niet over het ontruimingsbevel van Smotrich, terwijl dat al in uitvoering is.
Kolonisatie in werking
Zo gaat deze week een aanbestedingsprocedure van start voor de bouw van Israëlische woningen in het E1-gebied, in totaal wil Israël er meer dan 3.400 woningen bouwen. Achttien Palestijnse gemeenschappen, waaronder die van Khan al-Ahmar, moeten door kolonisten worden vervangen.
De Israëlische bezettingsautoriteiten hebben een stuk grond bij Khan al-Ahmar geconfisqueerd voor de aanleg van een waterleiding voor de beoogde nederzettingen. Verder wordt er een nieuwe weg aangelegd die Palestijns verkeer moet omleiden, buiten het gebied om.
Waar Nederland in 2018 sprak over een rode lijn, bleef het na de door Smotrich aangekondigde oorlogsmisdaad stil. Duitsland, Israëls belangrijkste supporter binnen de EU, sprak zich wél uit. Het riep Israël op af te zien van de plannen, omdat ze ‘een tweestatenoplossing in de weg staan’. Consequenties verbond Duitsland hier niet aan.
Kamerlid Kati Piri van PRO heeft de minister gevraagd de aangekondigde verdrijving van Palestijnen uit Khan al-Ahmar te veroordelen, en op z’n minst de Duitse verklaring te volgen. Deze Kamervragen zijn nog niet beantwoord, maar de rode lijn van 2018 lijkt inmiddels grotendeels te zijn uitgegumd.
Alternatief: één democratische staat
Het alternatief voor de tweestatenoplossing, namelijk één staat met gelijke rechte rechten en nationaliteit voor alle ingezetenen, is in beleidskringen nooit serieus op tafel gekomen. Toch wordt de roep hierom steeds sterker.
Zo begonnen Palestijnse en joods-Israëlische activisten en academici in 2018 de ‘één democratische staat campagne’. Een groot verschil met de tweestatenoplossing is dat het initiatief ook het recht op terugkeer van Palestijnse vluchtelingen naar binnen de grenzen van Israël opvolgt. Het wil de apartheid in zijn geheel afschaffen: niet alleen binnen de grenzen van een Palestijnse staat naast Israël, maar in het hele gebied voor alle inwoners tussen de rivier en de zee.
De Israëlische historicus Ilan Pappé, in december vorig jaar nog spreker op een evenement van The Rights Forum, is een van de vele prominente denkers die zich hierbij heeft aangesloten.
Smotrichs aangekondigde ontruiming van Khan al-Ahmar en de lauwe reacties daarop in de Europese hoofdsteden maken andermaal duidelijk dat de tweestatenoplossing een dood spoor is. En dat alleen één staat met gelijke rechten rechtvaardigheid voor Palestijnen kan bieden.