President Trump eist dat Pakistan de banden met Israël normaliseert, maar Islamabad weigert. Erkenning van de Abraham-akkoorden betekent volgens de regering legitimatie van de illegale Israëlische bezetting van zowel de Westelijke Jordaanoever als de verwoeste Gazastrook.

‘Verraad van de Palestijnse zaak’, noemt de invloedrijke Pakistaanse senator Mushahid Hussain de Abraham-akkoorden. Trump bedacht ze tijdens zijn eerste termijn in 2000 als ‘historisch vredesinitiatief voor het Midden-Oosten’. Maar net als zes jaar geleden haalt de Amerikaanse president deze plannen opnieuw uit de kast uit economisch belang.
In een afgeladen zaal vol parlementariërs en journalisten in Islamabad wordt vanavond op initiatief van Mushahid Hussain gediscussieerd over deze omstreden Abraham-akkoorden en de al jarenlange hechte band tussen Pakistan en Palestina. Zo vochten tijdens de zesdaagse oorlog in 1967 Pakistaanse luchtmachtpiloten mee tegen Israël. Geen president of generaal heeft Israël ooit als staat willen erkennen.
De historische relatie tussen Pakistan en de Palestijnen gaat ver terug. Toen Muhammad Ali Jinnah na de oprichting van Pakistan gouverneur-generaal en staatshoofd werd, schreef hij op 13 december 1947 zijn eerste brief aan de Amerikaanse president Harry Truman. Daarin verzette hij zich tegen de oprichting van de staat Israël. Hij noemde die ‘moreel onhoudbaar’.
Islamabad onderhoudt als een van de weinige landen in de wereld geen enkele diplomatieke relatie met Tel Aviv. In het Pakistaanse paspoort staat zelfs vermeld dat het niet geldig is voor Israël.
‘Pakistan is eveneens een van de weinige landen die een principieel standpunt over Palestina inneemt’, vindt de Palestijnse professor en activist Sami Al-Arian. Hij is speciaal voor deze avond uitgenodigd. Amerika komt hij niet meer in, onder andere omdat de professor contacten zou onderhouden met de Palestijnse Islamitische Jihad in de Gazastrook. Volgens de VS, Europa en westerse bondgenoten is dat een terreurbeweging die de vernietiging van de Israëlische staat nastreeft.
‘Voor de Palestijnen zijn jullie een bron van energie’, houdt Al-Arian zijn gehoor voor nu de regering in Islamabad opnieuw zijn poot stijf houdt. Ook al heeft die de positie van vredesonderhandelaar tussen Amerika en Iran deels aan Trump te danken en noemt de Amerikaanse president premier Sharif ‘Mijn beste vriend’. Sharif is zich er van bewust dat hij met deze weigering de relatie met Washington op het spel zet. Juist nu Pakistan als ‘het meest gevaarlijk land van de wereld’ voorzichtig is begonnen internationaal een nieuw imago op te bouwen.
‘Wij weigeren met Israël of wie dan ook elk akkoord te ondertekenen, zolang er geen onafhankelijke Palestijnse staat bestaat met Jeruzalem als hoofdstad’, zegt Hussain heel beslist. ‘Israël moet eerst een einde maken aan de militaire bezetting van de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. Tot die tijd wordt er überhaupt niet eens gesproken’.
Wie de Abraham-akkoorden wel ondertekent, beloont volgens professor Al-Arian Israël voor de genocide in de Gazastrook. Het leger heeft niet alleen in de Gazastrook, maar ook in Libanon en Iran misdaden tegen de menselijkheid gepleegd. De architect ervan, premier Netanyahu, zou volgens het Internationaal Strafhof (ICC) als oorlogsmisdadiger in de gevangenis moeten zitten.
Voor de regering in Islamabad betekenen de Abraham-akkoorden politieke zelfmoord, voorspelt Hussain. Want geen Pakistaan zou het ‘heulen’ met het vijandige Israël accepteren. Religieuze partijen als de Jamaat-e-Islami zouden onmiddellijk oproepen tot landelijke demonstraties. ‘Een regering die tegen de wil van het Pakistaanse volk een relatie met Israël opbouwt, neemt een zeer groot risico.’
In Pakistan blijven de emoties over de militaire agressie van zowel Amerika als Israël in de regio hoog oplopen. Dat geldt niet alleen voor religieuze partijen, maar ook voor de gewone stedelijke middenklasse en jongeren. Veel mensen vinden dat het Westen, onder leiding van de Verenigde Staten, de Palestijnse kwestie steeds verder naar de achtergrond duwt.
‘Over de genocide in de Gazastrook en de verwoesting daar hoor ik bijna niemand meer’, concludeert ook professor Al-Arian. Stuitend noemt hij de jongste zet van Trump. ‘Nadat de Gazastrook in puin ligt en Iran zonder enige aanleiding militaire is aangevallen, koppelt Trump zijn vredesakkoord aan de Amerikaanse handelsbelangen.’
Veel Pakistanen in de zaal zijn het met de professor eens. Ze vinden dat er met twee maten wordt gemeten: enerzijds wordt gesproken over mensenrechten en internationale normen, maar anderzijds blijft het relatief stil over de situatie in de Gazastrook.
Op sociale media uiten jongeren hun woede over het uitblijven van harde Europese maatregelen tegen Israël. Ondertussen gaat het vermoorden van Palestijnen zowel in de Gazastrook als op de Westelijke Jordaanoever dagelijks door. De Nederlandse boycot van Israëlische producten afkomstig van de illegaal bezette Westelijke Jordaanoever, gaat ze niet ver genoeg.
Het bericht op X, waarin de Pakistaanse minister van Defensie Khawaja Asif Israël zelfs ‘een vloek voor de mensheid’ noemde, werd ging viraal op sociale media. Onbegrijpelijk noemen de Pakistanen de aankondiging van premier Netanyahu om tegen alle afspraken toch 70 procent of zelfs meer van de Gazastrook in te nemen en opnieuw de ijzige stilte als reactie van Europa die daarop volgde. ‘Helaas hebben sommige regeringen uit opportunisme of uit angst voor het duo Trump en Netanyahu toegegeven aan de druk op ze’, stelt Hussain.
Islamabad, Wilma van der Maten