Waar Trump rekende op ‘een excursie’ is de oorlog tegen Iran uitgelopen op een ramp waaruit niet zomaar een uitweg bestaat. Dat gebeurde eerder tijdens de Irakoorlog. In beide gevallen op grond van Israëlische desinformatie.

Dat blijkt uit een reconstructie die The New York Times publiceerde van de Amerikaanse besluitvorming over de oorlog tegen Iran. De krant beschikt over informatie van bronnen uit de directe omgeving van Trump, die uitgebreider aan bod zullen komen in het boek Regime Change: Inside the Imperial Presidency of Donald Trump van Times-journalisten Maggie Haberman en Jonathan Swan. Hun boek verschijnt op 23 juni bij uitgeverij Simon & Shuster.
De basis voor de oorlog tegen Iran werd gelegd tijdens een presentatie van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu voor de Amerikaanse politieke en legertop op 11 februari in het Witte Huis. De bonte mix van redenen die de Amerikaanse leiders afgelopen weken voor de oorlog opgaven vindt hier haar oorsprong.
Netanyahu bepleitte dat dit hét moment was om met een gecombineerde aanval het Iraanse regime omver te werpen. Volgens de Israëlische inlichtingendienst Mossad zouden – met hulp van die spionageorganisatie – nieuwe straatprotesten tegen het regime losbarsten. Eenmaal verzwakt door de militaire aanval zou het regime kunnen worden overlopen, aldus de Israëli’s. In een video toonde Netanyahu een aantal potentiële nieuwe Iraanse leiders, onder wie Reza Pahlavi, de zoon van de in 1979 afgezette shah.
Netanyahu verkocht de door hem gewenste oorlog als een nagenoeg zekere overwinning. Irans ballistische raketprogramma zou in ‘enkele weken’ zijn uitgeschakeld en het land zou niet in staat zijn de strategische Straat van Hormuz af te sluiten. De kans dat Iran zich tegen (Amerikaanse belangen in) de Golfstaten zou keren, werd miniem geacht. Sterker, de Mossad wees op de mogelijkheid dat Koerdische strijders uit Irak een extra front zouden openen tegen het Iraanse regime.
The New York Times schetst een gedetailleerd beeld van wat er tussen 11 en 28 februari – het begin van de oorlog – met die informatie gebeurde. Al op de 12e waarschuwden de Amerikaanse inlichtingendiensten dat het doden van Iraanse leiders en het uitschakelen van Irans militaire capaciteiten weliswaar haalbaar werd geacht, maar dat theorieën over een volksopstand, regime change en een Koerdisch front ‘absurd’ en ‘losgezongen van de realiteit’ waren. ‘Bullshit dus’, vatte minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio de Israëlische informatie samen. Chef-Defensiestaf Dan Caine stelde dat de Israëli’s hun hand overspeelden ‘omdat ze ons nodig hebben’. Het besef dat de Amerikanen in het pak werden genaaid, manifesteerde zich al in een vroeg stadium.
In de weken die volgden, werd president Trump door zijn ministers, de militaire top en de CIA in diverse toonaarden gewezen op de nadelen en gevaren van een oorlog met Iran. Daaronder het enorme beslag op Amerikaanse menskracht en financiën, uitputting van de Amerikaanse wapen- en munitievoorraad, regionale chaos en de onvoorspelbaarheid van de gevolgen, maar vóór alles het risico op afsluiting door Iran van de Straat van Hormuz. Dat laatste zou de wereldwijde energievoorziening raken, tekorten veroorzaken, prijzen opdrijven, inflatie aanjagen en de wereldwijde economische groei remmen. Hetgeen ook precies is gebeurd.
Ook is de president nadrukkelijk gewezen op het feit dat oorlog tegen Iran zal worden opgevat als kiezersbedrog. Trump dankt de loyaliteit van zijn Make America Great Again-beweging mede aan zijn belofte om geen kostbare militaire avonturen aan te gaan. Doet hij dat toch, dan kan dat de Republikeinen bij de midterm-verkiezingen van november de meerderheid in het Huis van Afgevaardigden en mogelijk de Senaat kosten. In dat geval is Trump de laatste twee jaar van zijn presidentschap tandeloos, een lame duck.
Opmerkelijk is dat Trumps adviseurs hun bezwaren zelden expliciet hebben geuit. Uitzondering was vicepresident JD Vance, die de oorlogsplannen omschreef als ‘een ramp’. Maar net als de anderen zegde hij zijn steun toe als Trump toch ten strijde zou trekken. Zo werden de enorme risico’s ondergeschikt gemaakt aan het instinct van Trump, die in zijn overmoed is blijven geloven in de door Netanyahu voorspelde snelle victorie.
Op 26 februari kwam team-Trump opnieuw bij elkaar. ‘Ik denk dat we het moeten doen’, zei de president, die de opdracht meegaf dat moest worden voorkomen dat Iran over nucleaire capaciteit zou kunnen beschikken. Het is de eerste keer dat het nucleaire argument in de afwegingen opduikt. Trump had in juni vorig jaar namelijk beweerd dat de VS tijdens de twaalfdaagse bombardementen op Iran de nucleaire capaciteit volledig hadden verwoest.
Gebaseerd op deze warwinkel aan argumenten vielen de VS en Israël Iran op 28 februari aan. Ruim weken later is geen van de gestelde doelen behaald. Er is geen volksopstand uitgebroken, het Iraanse regime is nog aan de macht en verbetener dan ooit, er is geen Koerdisch front geopend en Irans raketprogramma is verre van uitgeschakeld. Van zijn kant heeft Iran met groot gemak de Straat van Hormuz afgesloten en op grote schaal de Golfstaten bestookt. Wat Trump op 9 maart nog ‘een excursie’ noemde, is uitgelopen op een ramp waaruit niet zomaar een uitweg bestaat.
Dat ondervond ook JD Vance, cynisch genoeg degene die mordicus tegen de oorlog was. Vance trachtte vorig weekend in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad met Iran tot een akkoord te komen. Dat mislukte grandioos. In reactie op die mislukking dreigde Trump alle schepen van en naar Iraanse havens te gaan blokkeren. Met het lamleggen van Irans essentiële olie-inkomsten wil hij een nieuwe troef in handen krijgen. Schaduwzijde van die strategie is dat de door de oorlog ontstane wereldwijde energiecrisis verder toeneemt en dat het tijdelijk staakt-het-vuren tussen beide landen wankelt.
De presentatie van Netanyahu op 11 februari was van A tot Z bullshit, bedoeld om de Amerikanen voor Israëls strijdwagen te spannen. Dat gebeurde eerder in de aanloop naar de oorlog tegen Irak. Toen informeerde Netanyahu de Amerikanen als ‘deskundige’ over Iraks geheime wapenprogramma. De Israëlische inlichtingendiensten hadden volgens hem onder andere ontdekt dat Irak zijn nucleaire programma over het hele land had verspreid in de vorm van centrifuges ‘zo groot als wasmachines’. Daarom konden de VN ze niet vinden en moest het land worden aangevallen ‘voor het te laat is’. Netanyahu:
Vandaag moeten de Verenigde Staten het [Iraakse] regime omverwerpen, want een Saddam [president van Irak] met kernwapens brengt de veiligheid van de hele wereld in gevaar.
De oorlog tegen Irak begon in maart 2003. Het wapenprogramma bleek niet te bestaan, maar Irak werd goeddeels verwoest en uitgerekend Iran kon er zijn invloed vergroten. In geopolitiek opzicht heeft de Irakoorlog de situatie ernstig verslechterd – met de opkomst van Islamitische Staat als voorbeeld van de ‘regionale chaos’ die JD Vance ook rond de oorlog tegen Iran zo vreesde. En waar een snelle terugkeer van de Amerikaanse troepen uit Irak was voorzien, kwamen de laatsten pas eind 2011 thuis.
In 2003 lieten tientallen landen, waaronder Nederland, zich aan de zijde van de VS de Irakoorlog in rommelen. Het goede nieuws is dat dit bij de oorlog tegen Iran niet is gebeurd. ‘Dit is niet onze oorlog’ klonk het uit tal van Europese en andere hoofdsteden nadat Trump de NAVO-lidstaten opriep om zijn oorlog te steunen. Nederland heeft zich met andere landen wél bereid verklaard om de scheepvaart in de Straat van Hormuz te helpen beveiligen, maar pas als de wapens definitief zwijgen.
Vast staat dat Israëlische desinformatie in de aanloop naar zowel de oorlog tegen Irak als die tegen Iran een belangrijke rol, zo niet de hoofdrol heeft gespeeld. Ook staat vast dat Israël als enige van die oorlogen profiteert. Het heeft, met dank aan de VS, zijn twee grootste tegenstanders in de regio uitgeschakeld of verzwakt zien worden.
Gezien de hoge prijs die de wereld betaalt voor Israëls oorlogen is het van belang dat wordt (h)erkend hoe die tot stand hebben kunnen komen. Netanyahu formuleerde het in 2001 als volgt:
Ik weet wat Amerika is. Amerika is iets dat je heel gemakkelijk kunt sturen, in de juiste richting kunt loodsen.
Een kwart eeuw later blijkt dat nog steeds te kloppen.