Gaza / ‘Vrede zij met u, over een uur bombarderen we uw woning’

De Britse krant The Guardian maakte een reconstructie van de vernietiging van een flatgebouw in Gaza, zoals beleefd door de bewoners. Het Israëlische leger maakte de Al-Jalaa-toren op 15 mei met de grond gelijk. De bewoners kregen een uur om te vertrekken

De vernietiging van de Al-Jalaa-toren in Gaza-Stad door de Israëlische luchtmacht op 15 mei 2021.EPA-EFE / Mohammed Saber 

Het begon die fatale middag met een telefoontje. ‘Spreek ik met Tarek? Vrede zij met je. Alles goed? Je spreekt met Danny van de IDF. Je woont in het Al-Jalaa-gebouw hè? Uitstekend. Zeg, vanwege de beschietingen op Israël en Jeruzalem vernietigen we het gebouw over een uur.’

Het was 15 mei 2021, even na half twee. Israël voerde al vijf dagen bombardementen uit op de Gazastrook, in vergelding voor mortier- en raketbeschietingen vanuit Gaza op Israël, die volgden op wekenlang Israëlisch geweld tegen de Palestijnse inwoners van bezet Oost-Jeruzalem. De wederzijdse beschietingen zouden nog zes dagen aanhouden. In die elf dagen vernietigde Israël onder (veel) meer vijf woon- en kantoortorens in het centrum van Gaza-Stad, waaronder de Al-Jalaa-toren.

Met Danny nog aan de lijn rende Tarek ontredderd door het gebouw, op zoek naar zijn oom Jawad, de eigenaar van de toren. Ook die kon zijn oren niet geloven. ‘Welk gebouw? Wàt?’ Een reden voor het aanstaande bombardement kreeg hij niet, maar Danny stond erop dat Jawad het gebouw ontruimde. De IDF, het Israëlische leger, wilde geen burgerslachtoffers.

Race tegen de klok

De Britse krant The Guardian maakte een reconstructie van het uur dat volgde, aan de hand van video- en geluidsfragmenten, foto’s en gesprekken met tientallen bewoners. Het artikel beschrijft de onwerkelijke race tegen de klok waarvoor Jawad Mahdi zich gesteld zag. Twaalf verdiepingen telde zijn toren. Op straatniveau waren winkels gevestigd, daarboven vijf etages met kantoren en nog eens vijf met zestig woningen, grotendeels bewoond door gezinnen die tot de familie van Jawad en twee andere families behoorden. De bovenste verdieping werd in beslag genomen door twee grote mediaorganisaties, Al-Jazeera en persbureau Associated Press (AP). Onder het gebouw bevond zich een parkeergarage.

De ontruiming slaagde. Toen gevechtsvliegtuigen het gebouw platgooiden keken de bewoners vanaf de straat toe hoe hun bezittingen en bestaan in een oogwenk werden vernietigd. Alleen twee katten bleven achter – vergeten in de paniek en ontreddering die zich van de bewoners meester maakten. Vergeefs smeekte Jawad de IDF nog om tien minuten uitstel, zodat drie AP-journalisten die net terugkeerden van een reportage een paar eigendommen uit het gebouw konden halen. De beelden van Jawad, op straat telefonisch onderhandelend met de IDF over het tijdstip van de vernietiging van zijn gebouw, illustreren het volstrekt bizarre karakter van het gebeurde.

Zo ook de foto van een glimlachende Jawad, nadat hij in de puinhopen een foto van zijn bruiloft had teruggevonden. Zijn met pijn en moeite opgebouwde bestaan was weggevaagd. De toren was zijn trots, ‘de droom van een familie van vluchtelingen die op blote voeten in Gaza aankwam’. Zoals het merendeel van de families in Gaza zijn de Mahdi’s rond de stichting van de staat Israël in 1948 uit het land verjaagd. Nu verloor een groot deel van de familie opnieuw alles wat ze bezat. En de dader was dezelfde als 73 jaar eerder.

Een berg puin is wat na het bombardement van de Al-Jalaa-toren resteert. Picture Alliance

 

‘Hamas zat in gebouw’

Waarom werd het gebouw verwoest? In reactie op brede internationale verontwaardiging en woedende protesten van met name AP en internationale persorganisaties verklaarde toenmalig premier Benjamin Netanyahu dat het gebouw een ‘inlichtingenkantoor herbergde van Hamas’, de Palestijnse verzetsbeweging die de scepter zwaait in de Gazastrook. Hamas zou er ‘terroristische aanvallen op Israëlische burgers plannen en organiseren’. De IDF wees ook op Hamas, maar stelde dat één of meerdere kantoren, of zelfs hele verdiepingen, verhuurd waren aan de ‘militaire veiligheidsdienst’ van de organisatie, die er ‘elektronica ontwikkelde die een gevaar voor Israëlische burgers’ vormde.

Met die verklaringen was één probleem, antwoordde AP, dat al 15 jaar in het gebouw zat: er was nooit ook maar een indicatie geweest dat er iemand van Hamas in de toren actief was. De kantoren waren in gebruik bij artsen, advocatenfirma’s, mediaorganisaties en andere ondernemingen.

De stafchef van de IDF, Aviv Kohavi, reageerde smalend: ‘De AP-journalisten drinken iedere ochtend koffie met de mensen van Hamas in het cafetaria op de begane grond, of ze het nou beseffen of niet.’ Ook met die verklaring was een probleem, liet AP fijntjes weten: er was helemaal geen cafetaria in het gebouw.

AP eiste dat Israël de bewijzen voor de aanwezigheid van een militaire eenheid van Hamas openbaar maakte en er een onafhankelijk internationaal onderzoek naar het bombardement werd ingesteld. De verdenking rees dat de aanval was gericht tegen de pers, aangezien in de vijf vernietigde flatgebouwen 33 mediaorganisaties kantoor hielden. In een telefoontje aan Netanyahu eiste ook de Amerikaanse president Joe Biden opheldering. Netanyahu’s eerdere bewering dat Biden voorafgaand aan de aanval op de hoogte was gebracht bleek onjuist.

Aanval was een debacle

Drie weken later vond, zo meldde destijds The Times of Israel, in New York een gesprek plaats tussen AP-topman Gary Pruitt en de Israëlische ambassadeur in de VS, Gilad Erdan. Daarin stelde Erdan dat Hamas in het gebouw een systeem ontwikkelde waarmee het Israëlische raketafweersysteem Iron Dome kon worden gestoord. Het systeem was weliswaar niet operationeel, maar de IDF had besloten dat de elektronica ‘met prioriteit’ moest worden vernietigd door het hele gebouw plat te gooien. Dat was volgens de IDF ‘in overeenstemming met het internationaal recht’.

Israël weigerde het bewijsmateriaal openbaar te maken. Dat had het intussen wel aan de Amerikaanse regering overhandigd. De regering-Biden bevestigde de ontvangst zonder enig verder commentaar. AP en internationale persorganisaties bleven bij hun eis: Israël diende het bewijs te overleggen. Dat is tot op heden niet gebeurd.

Inmiddels betreurde aan Israëlische zijde een aantal direct betrokkenen het bombardement, schreef The Times of Israel in hetzelfde artikel. Tegenover The New York Times hadden drie van hen anoniem verklaard dat de aanval zinloos was geweest. Hamas zou aan het uur respijt ruimschoots genoeg hebben gehad om zijn elektronica, wat die dan ook voorstelde, in veiligheid te brengen. Het enige resultaat van de aanval voor Israël was reputatieschade. De actie was een debacle.

Straffeloosheid

Door niet aannemelijk te maken dat in de Al-Jalaa-toren een Hamas-eenheid aan een militair project werkte dat een acuut en omvangrijk gevaar voor Israëlische burgers vormde, laadt Israël inderdaad de verdenking op zich dat het bombardement een ander doel had. Uitzonderlijk is dat niet. Ook voor de door Israël aangevoerde aanwezigheid van Hamas-eenheden in de vier andere vernietigde kantoor- en woontorens is geen bewijs geleverd.

In iedere militaire campagne tegen Gaza wijdt Israël de talloze burgerslachtoffers en enorme schade die het veroorzaakt aan Hamas. Dat zou ‘de burgerbevolking als mensenlijk schild gebruiken’ en zich ‘achter de pers, bedrijven en scholen verschuilen’. Bewijzen worden zelden of nooit geleverd.

Juist afgelopen week publiceerde Human Rights Watch een onderzoek naar drie Israëlische luchtaanvallen op andere gebouwen in Gaza tijdens de gevechten in mei – we schreven er eerder over. Voor deze aanvallen werden de bewoners niet gewaarschuwd; 62 burgers verloren het leven, onder wie 32 kinderen. Ook in deze gevallen kwam Israël met wisselende verklaringen over aanwezigheid van Hamas-eenheden of militaire infrastructuur. Human Rights Watch vond er geen enkele aanwijzing voor en Israël leverde opnieuw geen bewijs, laat staan dat het aannemelijk maakte dat de dreiging dermate acuut en omvangrijk was dat die de dood van 62 burgers rechtvaardigde.

Human Rights Watch spreekt van ernstige schendingen van het internationaal recht en vermoedelijke oorlogsmisdaden, waarvoor Israël verantwoording dient af te leggen. Het probleem is dat het door de internationale gemeenschap steeds weer de hand boven het hoofd wordt gehouden. Terwijl tegen Hamas en andere gewapende Palestijnse groepen internationale sancties van kracht zijn, kan Israël straffeloos zijn gang blijven gaan.

Illustratief is de extreem eenzijdige tweet van premier Mark Rutte tijdens de gevechten in mei, waarin hij de raketbeschietingen door Hamas veroordeelde en Israëls recht op zelfverdediging beklemtoonde. Even illustratief is dat een motie van GroenLinks, PvdA en SP, waarin de regering werd gevraagd in Europees en bilateraal verband aan te dringen op een onafhankelijk onderzoek naar de vernietiging van de toren, in de Tweede Kamer werd weggestemd, waarbij het CDA zoals vaker de doorslaggevende stemmen leverde. Zolang de internationale politiek loyaliteit aan Israël laat prevaleren boven het recht, zal de geschiedenis zich blijven herhalen.

Steun ons / Samen kunnen we een rechtvaardige uitkomst van de kwestie-Palestina/Israël afdwingen. U kunt onze activiteiten versterken of ons werk financieel ondersteunen.

Het probleem is allang niet meer de bezetting. Het probleem is het gedogen ervan.

Ramsey Nasr Schrijver / dichter / acteur