De Israëlische ambassadeur is niet in de positie om Nederland de les te lezen

De bemoeienis van Zvi A. Vapni met het Nederlandse debat is ongewenst en ongepast. Als vertegenwoordiger van een genocide-plegend regime heeft hij geen recht van spreken.

De Israëlische ambassadeur Zvi A. Vapni tijdens de Holocaustherdenking op 30 juli in Rotterdam. © Robin van Lonkhuijsen / ANP

In vijf dagen beschuldigde ambassadeur Zvi A. Vapni een tekenaar, de redactie van De Volkskrant, minister van Staat Frans Timmermans en een groep Joodse Nederlanders van antisemitisme.

‘Antisemitische karikatuur’

Op 30 juli beschuldigde Vapni tekenaar Peter de Wit en de redactie van De Volkskrant van antisemitisme. Aanleiding is de strip Sigmund in de krant van maandag 27 juli. Daarin zegt een personage tegen zielenknijper Sigmund:

Wat er ook gebeurt, ik blijf altijd achter Israël staan. Want als je er voor gaat staan schieten die smeerlappen je in de rug.

De tekening refereert aan de realiteit waarin elke vorm van kritiek op Israël wordt neergesabeld als ‘antisemitisch’. Vapni bevestigt die praktijk door de tekening als ‘antisemitische karikatuur’ te veroordelen en daar grote conclusies aan te verbinden:

Er is iets heel erg mis in Nederland als niemand binnen de redactie van @volkskrant eraan heeft gedacht om deze antisemitische karikatuur tegen te houden. Iedereen zwijgt … alweer!

Wat opvalt is hoe Vapni niet aarzelt om Joden in het spel te brengen om De Volkskrant van antisemitisme te kunnen beschuldigen – ook al hebben die er niets mee te maken. Ook legt hij een verband met de Holocaust en herinnert hij Nederlanders aan hun fout-zijn. Dat zijn ze nu weer, volgens de ambassadeur.

‘Hedendaags antisemitisme’

Op 26 juli beschuldigde Vapni minister van Staat Frans Timmermans van antisemitisme. Aanleiding was een interview van schrijver Ilja Leonard Pfeijffer met Timmermans in de Vlaamse krant De Morgen. Daarin oordeelde Timmermans hard over Israëls genocide op de Palestijnen in de Gazastrook, en vergeleek hij de ideologie van rechts Israël met die van de nazi’s.

Op X schreef Vapni dat Timmermans zich schuldig maakt aan ‘omkering van de Holocaust’, en daarmee aan ‘een van de meest giftige vormen van hedendaags antisemitisme’. Timmermans deugt niet, volgens Vapni:

Hoe diep is Frans Timmermans gezonken: van minister en Europees commissaris tot een zielige verspreider van antisemitische propaganda.

Met Timmermans’ argumenten is niets mis, blijkt uit ons fact check-artikel. Door op de persoon te spelen worden Timmermans’ rake woorden overschaduwd door het zoveelste nepdebat over ‘antisemitisme’. De lastercampagne heeft mede ten doel om andere critici van Israël af te schrikken: dit staat je te wachten als je je tegen Israël uitspreekt.

‘Flagrant antisemitisme’

Op 31 juli beschuldigde Vapni een aantal Joodse Nederlanders van antisemitisme omdat die protesteerden tegen zijn aanwezigheid bij de Holocaustherdenking in Rotterdam. Kern van het protest was dat de komst van Vapni haaks staat op de nationale belofte van ‘Nooit meer’. Anders gezegd: bij de herdenking van genocide is geen plaats voor een vertegenwoordiger van een genocide-plegend regime.

Vapni had niet het fatsoen zich discreet terug te trekken om ruimte maken voor Joodse Nederlanders die hun doden niet in zijn bijzijn willen herdenken – en zo de herdenking waardig te laten verlopen. Sterker, hij keerde zich openlijk tegen het protest. Op X schreef hij dat het hem het gevoel gaf ‘dat we terugkeren naar een duistere periode van flagrant antisemitisme’. Zijn ambassade verweet de Joodse Nederlanders een ‘schrijnend gebrek aan respect en moreel besef’.

Openlijke bemoeienis

De voorbeelden illustreren de – al langer bestaande – Israëlische bemoeienis met het Nederlandse debat. Daarvoor gelden regels. Een ambassadeur heeft in principe de ruimte om via de geëigende kanalen namens zijn regering zorgen uit te spreken over ontwikkelingen in zijn gastland. Dat daarbij discretie wordt betracht en gangbare fatsoensnormen in acht worden genomen, is onderdeel van het diplomatieke verkeer. Met zijn beschuldigingen overschrijdt Vapni die grens.

Van een ambassadeur die zich gedraagt als Vapni wordt bovendien verwacht dat hij zelf schone handen heeft. Die heeft hij niet. Met de staat die Vapni vertegenwoordigt is – in zijn eigen woorden – ‘iets heel erg mis’. Niet vanwege een tekening in een krant of een citaat van een politicus, maar vanwege de genocide, apartheid en ander structureel geweld waaraan Israël zich in Palestina schuldig maakt.

Zolang dat voortduurt is Vapni niet in de positie om anderen de les te lezen.

© 2007 - 2026 The Rights Forum / Privacy Policy