Selecteer een pagina

Nieuws

Klopt dat wel? / Het antisemitismespook van Joël Voordewind

In onze factcheck-rubriek nemen we opmerkelijke uitspraken in het debat over Palestina en Israël onder de loep. Dit keer: Kamerlid Joël Voordewind van de ChristenUnie manipuleert cijfers over het antisemitisme.

Joël Voordewind.ChristenUnie 

 

Waar gaat het om?
Tweede Kamerlid Joël Voordewind van de ChristenUnie (CU) zei in een radio-uitzending het volgende: ‘Zeventig procent van de joodse gemeenschap durft niet meer publiekelijk op straat met een joods symbool.’ Ongeruste luisteraars vroegen zich af of dat percentage klopt. ‘Onwaarschijnlijk hoog’ werd het genoemd.

En?
We zijn nagegaan waar het percentage vandaan komt. Het blijkt afkomstig uit een enquête van de EU Agency for Fundamental Rights (FRA) onder joden in twaalf EU-landen. In Nederland vulden 1202 personen de online enquête in, zo’n 2,5 procent van de joodse gemeenschap.

Het onderzoek werd uitgezet via joodse organisaties, die het onder de aandacht brachten van hun achterban. Driekwart van de respondenten vermeldde door zo’n organisatie op de enquête te zijn gewezen. Het veel bredere niet-georganiseerde deel van de joodse gemeenschap werd slecht bereikt.

Het onderzoek is dan ook niet representatief, schrijft de FRA. Dat betekent dat de uitkomsten alleen betrekking hebben op de 1202 respondenten en je er geen uitspraken over de hele joodse gemeenschap op kunt baseren, zoals Voordewind doet. In die zin is zijn uitspraak hoe dan ook ongegrond.

Waar komt die 70 procent vandaan?
In het onderzoek zijn specifieke vragen gesteld aan respondenten die weleens een joods symbool (keppel, Davidsster) dragen. In Nederland ging het om 685 van de 1202 respondenten. Van hen zegt 11 procent het dragen van zulke symbolen in het openbaar standaard te vermijden. Daarnaast vermijdt 22 procent het regelmatig en 38 procent soms. Opgeteld is dat 71 procent. Dit is de door Voordewind genoemde ‘70 procent’.

Maar anders dan Voordewind beweert gaat het dus niet om ‘70 procent van de joodse gemeenschap’, zelfs niet om 70 procent van de Nederlandse respondenten. Het gaat om 486 deelnemers aan de enquête, oftewel 40 procent van de 1202 respondenten en niet meer dan één procent van de Nederlandse joodse gemeenschap. Het aantal respondenten dat het openlijk dragen van joodse symbolen helemaal zegt te vermijden – de categorie waarop Voordewind specifiek doelt – bedraagt 75, oftewel 6 procent van de respondenten en 0,15 procent van de Nederlandse joodse gemeenschap.

Voordewind overdrijft dus?
Dat is zacht uitgedrukt. Hij blaast het vermijden van het dragen van joodse symbolen op groteske wijze op; één procent – of zelfs 0,15 procent – van de joodse gemeenschap wordt bij hem 70 procent. Iedere joodse Nederlander die zich tot vermijdingsgedrag gedwongen voelt is er één teveel, maar bij Voordewind krijgt een fenomeen van beperkte omvang dominante en grimmige trekken.

Zijn luisteraars terecht ongerust over zijn uitspraken?
Zeker. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat parlementariërs de feiten en argumenten laten spreken in plaats van angstbeelden te creëren. Helemaal als het gaat om antisemitisme en de bestrijding daarvan. Dat is in Nederland om voor de hand liggende redenen heilige grond, waar zorgvuldigheid en respect niet alleen noodzakelijk, maar een morele plicht zijn.

Waarom gedraagt Voordewind zich daar niet naar?
In de bewuste radio-uitzending vertelde het CU-Kamerlid dat hij, naar Duits voorbeeld, een motie voorbereidt waarmee hij de BDS-beweging aan banden wil leggen. Daartoe schildert hij de beweging af als antisemitisch en plaatst hij de door hem gewenste maatregelen in het teken van antisemitismebestrijding. Om de urgentie van die maatregelen te onderstrepen slaat hij alarm over wat hij noemt de ‘voortdurende stijging’ van het antisemitisme. Zijn spookbeeld moet die trend aantonen.

Zijn uitspraak staat dus in dienst van een politiek doel: het zoveel mogelijk de mond snoeren van de BDS-beweging. Anders gezegd: Voordewind manipuleert onderzoeksgegevens over het antisemitisme om naar Duits voorbeeld de vrijheid van meningsuiting in te kunnen perken van burgers met sympathie voor BDS. Zijn aanval op de democratische rechtsorde zou overal de alarmbellen moeten doen rinkelen.

Eindoordeel
De uitspraak van Voordewind raakt kant noch wal. In de categorie ‘How to lie with statistics’ krijgt hij de volle vijf sterren.

Waardeert u ons journalistieke werk? Help ons dat voort te zetten.

Lees ook

Steun ons / Samen kunnen we een rechtvaardige uitkomst van de kwestie-Palestina/Israël afdwingen. U kunt onze activiteiten versterken of ons werk financieel ondersteunen.

Het probleem is allang niet meer de bezetting. Het probleem is het gedogen ervan.

Ramsey Nasr Schrijver / dichter / acteur