VVD wil morrelen aan sanctiebesluit illegale nederzettingen

De VVD steunt het sanctiebesluit dat handel met illegale nederzettingen verbiedt, maar wil er toch aan morrelen. Dat bleek gisteren tijdens het commissiedebat Buitenlandse Zaken.

Stephan van Baarle (DENK) tijdens een commissiedebat in de Tweede Kamer over het tijdelijke sanctiebesluit voor onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden. © John Beckmann / ANP

Regeringspartij VVD stemt in met het sanctiebesluit dat handel met goederen uit de illegale nederzettingen op de bezette Westelijke Jordaanoever verbiedt, maar wil er tegelijkertijd aan morrelen. De partij wil weten of het bezette Oost-Jeruzalem en de bezette Golanhoogten van de sancties uitgesloten kunnen worden. Dat bleek gistermiddag tijdens het commissiedebat Buitenlandse Zaken.

De VVD zou de bezette Golanhoogten van de sancties willen uitsluiten omdat het ‘geen Palestijns gebied is’, meldde VVD Buitenlandwoordvoerder Queeny Rajkowski. Ook Oost-Jeruzalem zou de VVD willen uitsluiten.

Zowel Kati Piri (PRO) als Stephan van Baarle (DENK) wezen haar erop dat de sancties worden opgelegd tegen illegale Israëlische nederzettingen, en die zijn er ook op de (Syrische) Golanhoogten. In lijn met verplichtingen die voortvloeien uit het internationaal recht, heeft Nederland de verantwoordelijkheid niet medeplichtig te zijn aan het in stand houden van de illegale Israëlische bezetting.

Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen wees er bovendien op dat het uitsluiten van de Golanhoogten en Oost-Jeruzalem de sancties juridisch wankel maken. Dat zou ervoor kunnen zorgen dat ze worden aangevochten en allicht helemaal van tafel gaan. Dat bewoog Piri ertoe aan Rajkowski te vragen of dat misschien de bedoeling was van haar gemorrel. Rajkowski meldde slechts ‘stevige vragen’ te willen stellen.

Politiek spelletje

De opstelling van de VVD is een sterk staaltje politiek opportunisme: Aan het sanctiebesluit kán de Kamer namelijk helemaal niet meer morrelen. Het is een Algemene Maatregel van bestuur (AMvB) die al is vastgesteld en gepubliceerd en op 22 september in werking treedt. Anders dan bij een wetsvoorstel kan de Tweede Kamer geen amendement indienen om bijvoorbeeld de Golanhoogten of Oost-Jeruzalem eruit te schrappen. De AMvB gaat dus in zoals hij er nu ligt.

Wel kan een vijfde van de Tweede of Eerste Kamer verlangen dat het besluit bij wet wordt bekrachtigd. In dat geval volgt een wetsprocedure en wordt uiteindelijk besloten of de AMvB wel of niet wordt bekrachtigd. De termijn om zo’n bekrachtigingswet te verlangen loopt tot en met 30 september. Het voorstel om eerst delen uit het besluit te halen is daarmee procedureel niet eens uitvoerbaar.

Koffie met Booking.com

De naam van het Nederlandse bedrijf Booking.com viel opvallend vaak tijdens het debat. Booking biedt accommodaties aan op gestolen Palestijns land en in gestolen Palestijnse huizen. Dit valt echter buiten de sancties, omdat die alleen over goederen gaan en niet over diensten en investeringen. Hoe scheef dat is, verwoordde Van Baarle (DENK): ‘Neem een bedrijf als Booking.com, waarmee onze minister-president vrolijk koffie aan het drinken was. Via dat platform worden accommodaties in illegale nederzettingen aangeboden. Waarom mag er straks geen fles wijn uit zo’n nederzetting worden geïmporteerd naar Nederland, maar mag er wel worden verdiend aan overnachtingen op bijvoorbeeld de plek waar die fles wijn wordt gefabriceerd? Dat is toch krankjorem?’

Over Jettens kop koffie met Booking kwamen vragen van Piri (PRO) en Christine Teunissen (PvdD). Piri wilde weten of de premier met Booking heeft gesproken over het beleid om Nederlandse economische activiteit in de door Israël bezette gebieden te ontmoedigen. Teunissen vroeg de minister of die ‘het niet scheef of op zijn minst onwenselijk [vindt] dat Nederlandse belastingbetalers subsidie geven aan bedrijven zoals Booking en dat zij gewoon door kunnen gaan met het faciliteren van de illegale bezetting’.

Die laatste kwestie kwam verschillende keren terug; ook DENK bracht het op. Berendsen antwoordde dat fiscale regelingen niet bedoeld zijn om buitenlands beleid mee te voeren. Op Piri’s vraag kon de minister geen antwoord geven, zei hij, omdat het om ‘bedrijfsgevoelige informatie’ zou gaan. Piri interrumpeerde, en stelde dat de vraag of het verhuren van accommodaties op de Westoever besproken is, niet bedrijfsgevoelig is. De minister bleef bij zijn antwoord: ‘Deze informatie kunnen we niet geven.’

E1-gebied

Hieraan verbonden waren vragen van PRO, SP, PvdD en DENK over de reikwijdte van het sanctiebesluit. Het kabinet kondigde in mei dit jaar een juridische verkenning aan naar het uitbreiden van het besluit met een verbod op diensten en investeringen. Waar bleef die verkenning? De minister zegde toe dat die ‘binnen enkele weken’ naar de Kamer wordt gestuurd. In mei was er een bijeenkomst over in de Tweede Kamer, waarin duidelijk werd dat die juridische mogelijkheden er wel degelijk zijn. Sterker, deskundigen noemden het instellen van een breder handelsverbod met nederzettingen een ‘plicht’.

Irritatie was er bij zowel Piri als Sarah Dobbe (SP) over de opstelling van de minister betreffende het zogeheten E1-gebied. Dat ligt tegen het bezette Oost-Jeruzalem aan en Israël is van plan daar nog dit jaar nederzettingen te bouwen. Als dat doorgaat, wordt de bezette Westelijke Jordaanoever feitelijk in tweeën geknipt. Daardoor wordt de bewegingsvrijheid van Palestijnen nóg verder beperkt én wordt een levensvatbare Palestijnse staat definitief onmogelijk.

Omdat de Israëlische regering inmiddels de aanbesteding heeft geopend voor bedrijven die een bod willen doen op de uitvoering van de E1-werkzaamheden, wilden Piri en Dobbe weten of de minister Nederlandse bedrijven kan dwingen af te zien van deelname aan het project. Immers, opeenvolgende Nederlandse regeringen hebben aangegeven dat bebouwing van het E1-gebied een ‘rode lijn’ is. De minister ging er niet in mee: hij heeft, zei hij, geen aanwijzingen dat er Nederlandse bedrijven geïnteresseerd zijn in (delen van) de klus. Hij liet zich niet vermurwen door de oppositie.

Bezetting knijpt Palestijnen economisch af

Tijdens een discussie over de economie op de Westelijke Jordaanoever waarschuwde SGP-Kamerlid Chris Stoffer dat het handelsverbod Palestijnen daar economisch zou kunnen treffen. Volgens hem zouden Palestijnen er uiteindelijk zelfs slechter van kunnen worden.

Christine Teunissen (PvdD) en Van Lanschot (CDA) wezen er terecht op dat niet het sanctiebesluit, maar de bezetting zelf de Palestijnse economie wurgt. Zij verwezen naar recente VN-rapporten die hadden berekend dat de economie van de Westelijke Jordaanoever tussen 2000 en 2024 zonder een aantal Israëlische bezettingsbeperkingen 170 miljard dollar extra inkomen had kunnen genereren. Daartegenover staat een Israëlische nederzettingeneconomie die inmiddels op naar schatting 53 miljard dollar per jaar wordt geschat.

Alle kolonisten

Don Ceder (ChristenUnie) bleef op verschillende momenten tijdens het debat een discussie aanzwengelen over de meer dan 700.000 illegale kolonisten op de Westelijke Jordaanoever. Volgens hem kan het Nederlandse sanctiebesluit, dat vooralsnog voor drie jaar geldt maar over een jaar al wordt geëvalueerd, pas van tafel als alle 700.000 illegale kolonisten de Westelijke Jordaanoever verlaten hebben. En dat botst met Ceders religieus-zionistische overtuiging.

Ceder baseert zich op de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof van 19 juli 2024, die stelt dat landen niet mogen bijdragen aan het in stand houden van de bezetting. De uitspraak stelt nadrukkelijk dat Israël onmiddellijk alle nieuwe nederzettingsactiviteiten moet staken en alle kolonisten uit het bezette Palestijnse gebied moet evacueren. De minister legde uit dat Nederland beleidsruimte heeft bij de wijze waarop het aan zijn internationale verplichtingen invulling geeft en dat het sanctiebesluit bij voldoende positieve ontwikkelingen eerder kan worden opgeheven.

Toen Ceder rechtstreeks werd gevraagd of de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof uit 2024 moet worden opgevolgd, antwoordde hij: ‘Voorzitter, natuurlijk niet!’

Ceder suggereert daarmee dat Nederland de vaststelling van het geldende internationaal recht door het Internationaal Gerechtshof naast zich kan neerleggen wanneer de politieke consequenties hem niet bevallen. Dat staat haaks op het fundamentele principe van recht – dat het voor iedereen geldt. En het staat haaks op de Grondwet, waar Ceder als volksvertegenwoordiger trouw aan heeft gezworen en waarin staat dat Nederland de internationale rechtsorde moet bevorderen.

Dinsdag stemmingen over moties

‘s Avonds was er een tweeminutendebat in de plenaire zaal, waar de moties werden ingediend en de minister de laatste openstaande vragen beantwoordde. Er waren moties over het uitbreiden van de sancties met handel in diensten en investeringen, over de E1-aanbesteding en de mogelijke deelname daaraan van Nederlandse bedrijven, en over Booking.com. Ceder (ChristenUnie) diende een motie in over de 700.000 kolonisten. Rajkowski (VVD) stelde dat de VVD het sanctiebesluit steunt, maar diende daarna toch een motie in waarin ze het kabinet opriep te onderzoeken of de Golanhoogten en Oost-Jeruzalem van de sancties uitgezonderd kunnen worden. Over de moties wordt aanstaande dinsdag gestemd.

© 2007 - 2026 The Rights Forum / Privacy Policy