Commentaar 15 maart 2024 Lees meer over

De ontvangst van Herzog moet gevolgen krijgen

De aanwezigheid van de Israëlische president Yitzhak Herzog bij de opening van het Nationaal Holocaustmuseum moet leiden tot een lang vermeden debat. Alternatief is dat het gecreëerde ‘oorlogsgebied’ zich verder uitbreidt.

Joodse Nederlanders demonstreren tegen de aanwezigheid van de Israëlische president Yitzhak Herzog bij de opening van het Nationaal Holocaustmuseum in Amsterdam op 10 maart 2024. © Charles M. Vella / SOPA Images/Sipa USA

Herzogs aanwezigheid op 10 maart in Amsterdam heeft geleid tot verbijstering en bittere controverse. Joodse organisaties riepen het Internationaal Strafhof op tot zijn arrestatie, veel Nederlanders deden aangifte bij het OM, en rond de opening van het museum vonden demonstraties plaats, waarbij een enkele relschopper zich misdroeg.

Lessen van de Holocaust

Die controverse had voorkomen kunnen en moeten worden. Het feit dat Herzogs komst bij velen als een mokerslag zou aankomen was voorspelbaar, maar werd door de museumdirectie genegeerd. Dat ‘Nooit meer’ voor veel Nederlanders, onder wie logischerwijs veel Joden, ook écht ‘Nooit meer’ betekent, was voor de directie een verrassing, of is als collateral damage beschouwd.

Dat laatste geldt ook voor de vele Palestijnen in Nederland. Het feit dat Herzog – de president die ophitste tot de slachting en verdrijving van hun vrienden en familie in Gaza – hier met alle egards is ontvangen, is onverteerbaar. Die impact, gevoeld in termen van uitsluiting en onveiligheid, is door de directie niet onderkend of domweg genegeerd.

Met het oprekken van ‘Nooit meer’ tot ‘Nooit meer, tenzij’ stelt het museum de lessen van de Holocaust ter discussie.

Die minachting voor grote groepen Nederlanders en hun gevoelens verdient opheldering. Dit temeer daar die getuigt van een fundamenteel verschil van inzicht over de lessen van de Holocaust. Met het oprekken van ‘Nooit meer’ tot ‘Nooit meer, tenzij’ stelt het museum die ter discussie, en daarmee zijn eigen missie.

Antisemitische definitie

Het is verheugend dat juist Joodse organisaties het voortouw namen in de protesten. Al decennia wordt deze traditioneel weinig georganiseerde gemeenschap niet gehoord, een luidruchtige pro-Israëlische minderheid uitgezonderd. Pijnlijk voorbeeld van deze praktijk was de aanvaarding van de IHRA-definitie van antisemitisme door politiek Den Haag.

Die politiek gemotiveerde definitie, bedoeld om kritiek op de staat Israël als ‘antisemitisch’ te kunnen brandmerken, maakte een eind aan de naoorlogse periode waarin specifiek op Joden gerichte regelgeving als antisemitisch taboe gold. Dat gebeurde zonder consultatie van de Joodse gemeenschap en de Joodse achterban van de politieke partijen. Het feit dat veel Nederlandse Joden, mogelijk een ruime meerderheid, zich ertegen zou verzetten, was daarvan de vermoedelijke reden. Hun gevoelens werden als collateral damage beschouwd.

Rode lijn

Het is deze ontwikkeling die door de onbezonnen actie van het Holocaustmuseum tot ontbranding is gebracht. Tot het museum moet dat nog doordringen. In een interview met NRC bepleitten de twee directieleden meer bewustwording, alertheid en handelen, terwijl zij dat in het volle licht van de schijnwerpers zelf hebben nagelaten. Bezwaren tegen de komst van Herzog werden beschouwd als een ‘mening’. Het besef dat zij zelf een cruciale rode lijn hebben overschreden, wordt (nog) niet toegelaten.

Betwijfeld moet worden of zij daar überhaupt toe in staat zijn. Uit het interview blijkt dat het museum worstelt met zijn missie. Zo zouden medewerkers vanwege hun functie niet kunnen deelnemen aan pro-Palestijnse demonstraties, ook al noemt het Internationaal Gerechtshof het risico dat Israël in Gaza genocide pleegt ‘plausibel’. Daarentegen is een familieband met het Israëlische bezettingsleger dat die mogelijke genocide begaat geen bezwaar:

Hier werken mensen die kinderen in het Israëlische leger hebben en mensen die zeggen dat ze in iedere pro-Palestijnse demonstratie voorop zouden lopen als ze hier niet zouden werken.

Schokkend onzorgvuldig

Er is meer reden voor twijfel, zoals over de duiding van de aanslag van Hamas van 7 oktober 2023 als ‘antisemitisch’. Voor een museum dat moet waken over de lessen van de Holocaust is die interpretatie schokkend onzorgvuldig. Israëlische retoriek hoort niet tot het museale takenpakket. Daar hebben we de politiek en de Telegraaf voor.

Angstaanjagende uitspraken vereisen zorgvuldige onderbouwing, of dienen achterwege te blijven.

Even onzorgvuldig is de stelling van een directeur dat ‘drie van de vier’ Joden die hij ontmoet bang zijn vanwege de ‘enorme toename van het antisemitisme’. Gezien zijn autoriteit zal een lezer concluderen dat verreweg de meeste Joodse Nederlanders bang zijn, en daar gegronde redenen voor hebben. Maar klopt dat ook? En is er wel sprake van een ‘enorme toename’, en volgens welke definitie? Angstaanjagende uitspraken vereisen zorgvuldige onderbouwing met concrete gegevens, of dienen achterwege te blijven. Daar hoort de directie van een Holocaustmuseum zich bewust van te zijn.

Oorlogsgebied

Veel Joden zijn bang voor iets heel anders, bleek afgelopen week. Voor een discours waarin zij gelden als collateral damage. Dat over hen gaat, maar waarvan zij geen deel uitmaken, en dat haaks staat op hun Joodse waarden van gelijkheid en gerechtigheid. Waarin buiten hen om, en ondanks luide waarschuwingen, de IHRA-definitie wordt aangenomen als zijnde ‘goed voor hen’. Waarin het begrip ‘antisemitisme’ van zijn betekenis is ontdaan, en onverantwoorde antisemitismenota’s het licht zien. Waarin de besteding van Joodse restitutiegelden al jaren vragen oproept. Waarin Amsterdam de vlag van een bezetter hijst op de dag dat die een bloedbad aanricht. Waarin Herzog ondanks zijn genocidale opruiing wordt verwelkomd in het Holocaustmuseum.

‘Het lijkt wel een oorlogsgebied’, sprak een bezoeker van de openingsceremonie van het museum. Hoe ongepast ook in vergelijking met een écht oorlogsgebied – zie Gaza –, de politiek en media doken er hijgerig bovenop in een poging de orde te herstellen en aan te scherpen. Dat is, niet voor het eerst, de verkeerde reactie. Wie verdere escalatie wil voorkomen moet de oorzaken onder ogen durven zien. En daarover het lang vermeden debat aangaan. Het Holocaustmuseum heeft de poort naar dat proces wijd opengezet.

© 2007 - 2024 The Rights Forum / Privacy Policy