Inderdaad, Israël wordt uitgezonderd in de VN, het mag al 55 jaar zijn gewelddadige gang gaan

Sinds jaar en dag beschuldigen Israël en zijn lobby de VN ervan extreem ‘anti-Israël’ te zijn. In werkelijkheid is het tegenovergestelde het geval. Zelfs na een bezetting van 55 jaar wordt Israël geen strobreed in de weg gelegd.

Bijeenkomst van de VN-Veiligheidsraad, 29 september 2022. © UN Photo / Rick Bajornas

Rond de jaarlijkse bijeenkomst van de Algemene Vergadering van de VN in New York (20-26 september) klaterde uit de rangen van de pro-Israël-lobby bekende kritiek op: de VN zou ‘Israël uitzonderen’ en ‘hypocriet’, ‘obsessief anti-Israël’ en zelfs ‘antisemitisch’ zijn. Dat zou blijken uit het ‘buitenproportionele aantal veroordelingen van Israël’.

Het zijn beschuldigingen die al jaren door Israël en het internationale netwerk van pro-Israëlische lobbyorganisaties worden rondgestrooid. Doel ervan is ieder initiatief van de VN om Israël verantwoordelijk te stellen voor zijn grove schendingen van het internationaal recht en de universele mensenrechten – met name zijn gewelddadige en illegale bezetting van Palestijns gebied – verdacht te maken en de kop in te drukken.

De beschuldigingen ontberen doorgaans onderbouwing en zijn vaak aantoonbaar onwaar. Ze hebben het karakter van gooi- en smijtwerk, zoals we dat ook kennen van campagnes tegen andere zogenaamd ‘anti-Israëlische’ partijen. Voorbeelden zijn de furieuze aanvallen op het Internationaal Strafhof en de Amerikaanse ijsproducent Ben & Jerry’s, en wie op Google de zoekterm ‘Amnesty International’ invoert krijgt allereerst een advertentie te zien van Israëls ministerie van Buitenlandse Zaken, dat Amnesty ervan beschuldigt onder de dekmantel van mensenrechtenorgani­satie een ‘vijandige, anti-Israëlische en antisemitische agenda’ te voeren.

Propaganda

Typerend is een recent filmpje waarin de bekende pro-Israël-activist Joseph Haddad beweert dat de VN Israël sinds 2015 ‘meer dan tweemaal zo vaak heeft veroordeeld als alle andere 192 staten bij elkaar’. Landen als China en Turkije zouden zelfs geen enkele veroordeling aan de broek hebben gekregen. Gegevens die zijn beweringen kunnen ondersteunen geeft Haddad niet. Geen wonder, die bestaan niet. Zijn betoog is platte propaganda.

Een maand geleden veroordeelde de VN China’s Oeigoeren-politiek in een gedetailleerd rapport van het VN-Mensenrechtenbureau (OHCHR), nog versterkt door een verklaring van meer dan veertig onafhankelijke VN-mensenrechtendeskundigen. Geconcludeerd wordt dat China zich schuldig maakt aan grootschalige schendingen van de mensenrechten en mogelijke misdaden tegen de menselijkheid. Turkije werd de afgelopen jaren herhaaldelijk veroordeeld, met name vanwege zijn fratsen op Cyprus. Zou dat Haddad allemaal zijn ontgaan? Natuurlijk niet, maar in het propagandakamp wordt niet op een leugen meer of minder gekeken. Om de VN in diskrediet te brengen is alles geoorloofd.

Niet alle propaganda laat zich zo eenvoudig weerleggen. Vaak blijven beschuldigingen beperkt tot algemeenheden als ‘Israël wordt vaker veroordeeld dan alle andere landen bij elkaar’. Wie dat wil checken loopt meteen op tegen de vraag naar welke veroordelingen eigenlijk is gekeken. De VN telt tal van gremia die kritische rapporten en veroordelingen afleveren. Welke worden door de propagandisten geteld? Welke niet? En waarom?

Hetzelfde geldt als niet naar veroordelingen, maar naar resoluties wordt gekeken. En dan doet zich nog een ander probleem voor: wat is eigenlijk ‘anti-Israël’? Geldt dat bijvoorbeeld voor de oproep van de Veiligheidsraad in 2009 tot een wapenstilstand tussen Israël en Hamas, en terugtrekking van alle Israëlische troepen uit Gaza? Israël is volgens artikel 25 van het VN-Handvest verplicht uitvoering te geven aan resoluties van de Veiligheidsraad, maar protesteerde tegen de oproep en weigerde medewerking. Is de resolutie daarmee ‘anti-Israël’? Wie de overzichten van VN-resoluties doorneemt loopt tegen meer van dit soort fundamentele vragen op.

Veiligheidsraad passief

Maar om een beeld te krijgen van de houding van de VN zijn zulke exercities overbodig. Dan telt primair de opstelling van de Veiligheidsraad, het enige VN-orgaan met de bevoegdheid en macht om landen tot medewerking te dwingen, door middel van sancties en desnoods geweld (artikel 41 en 42 van het VN-Handvest). Dit dominante orgaan kenmerkt zich door nagenoeg volledige inactiviteit als het om Israël gaat – het exacte spiegelbeeld van wat de pro-Israël-propaganda wil doen geloven.

De laatste resolutie van de Raad waarin Israël werd bekritiseerd dateert van 2016. Het was de enige Israël-kritische resolutie in de door Joseph Haddad genoemde periode, op een totaal in die periode van 391 resoluties. De daaraan voorafgaande resolutie waarin Israël werd aangesproken is de bovengenoemde uit 2009. In de dertien jaar nadien nam de Veiligheidsraad 790 resoluties aan, waarvan dus slechts één Israël-kritische.

De Veiligheidsraad kenmerkt zich door nagenoeg volledige inactiviteit als het om Israël gaat – het exacte spiegelbeeld van wat de pro-Israël-propaganda wil doen geloven.

Even kenmerkend is dat de Raad toestaat dat Israël zijn resoluties consequent aan de laars lapt. Dat gebeurde ook met resolutie 2334 uit 2016. Daarin maant de Raad Israël onder meer de illegale kolonisering van bezet Palestijns gebied – Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever – ‘direct en volledig te staken’. Die eis was niet nieuw; sinds de jaren zeventig heeft de Raad Israël bij herhaling gemaand de uitbreiding van de ‘nederzettingen’ te staken en het VN-Handvest en de Conventies van Genève te respecteren. Consequent veroordeelde de Raad de kolonisering als een ‘flagrante schending van het internationaal recht’, een ‘groot obstakel voor vrede’ en, vanaf begin deze eeuw, een ‘ernstige bedreiging van de tweestatenoplossing’.

Israël heeft zich er nooit iets van aangetrokken en weigerde ook ditmaal medewerking. Het zet de kolonisering tot de dag van vandaag ongestoord voort en heeft de tweestatenoplossing en het daarop gebaseerde vredesperspectief inmiddels onder het asfalt van zijn nederzettingen begraven. Zes jaar na dato is resolutie 2334, net als zijn voorgangers, een papieren tijger gebleken; de voortgangsrapporten van de VN spreken duidelijke taal. En net als alle voorgaande keren heeft de Veiligheidsraad verzuimd Israël door middel van sancties tot medewerking te dwingen.

Beschermheer VS

Dat ligt niet aan het instrumentarium dat de Raad ter beschikking staat. Op last van de Raad zijn veertien zogeheten internationale ‘sanctieregimes’ van kracht, en in dat kader bovendien sancties tegen meer dan duizend individuen, instellingen en ‘entititeiten’. Van de gemeenschappelijke redenen voor die sancties worden specifiek genoemd: ‘bedreiging van de vrede, veiligheid of stabiliteit, schendingen van de mensenrechten en het internationaal humanitair recht, en obstructie van humanitaire hulp’. Als dat de criteria voor sancties zijn is het bizar dat Israël daar nog altijd van blijft gevrijwaard.

Die bevoorrechte positie dankt het aan de VS, de machtige bondgenoot die Israël niet alleen jaarlijks van minimaal 3,9 miljard euro aan militaire steun voorziet, maar het land ook op alle belangrijke podia steunt en in bescherming neemt. In de Veiligheidsraad blokkeert Washington traditiegetrouw iedere resolutie die Israël pijn kan doen met een veto. Tussen 1972 en mei 2021 gebeurde dat 53 keer. Alle andere leden van de Raad weten dat het opstellen van een ontwerpresolutie waarin sancties worden aangekondigd zinloos is. ‘De Veiligheidsraad ligt aan de ketting van de VS’, noemden we het eerder.

De Amerikaanse handelwijze is een klassiek voorbeeld van misbruik van het vetorecht, waarmee de Veiligheidsraad en in feite de hele VN vleugellam wordt gemaakt. De veroordelingen en resoluties van andere VN-organen – waarvan Israël zich evenmin iets aantrekt – zijn in dit licht van ondergeschikt belang, aangezien het die organen ontbreekt aan instrumenten om Israël tot medewerking te dwingen.

In de praktijk mag Israël al 55 jaar straffeloos een wreed bezettingsregime voeren, dat gepaard gaat met oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en mensenrechtenschendingen in alle kleuren van de regenboog.

De onontkoombare conclusie is dat Israël inderdaad wordt ‘uitgezonderd in de VN’. In de praktijk mag het al 55 jaar straffeloos een wreed bezettingsregime voeren, dat gepaard gaat met oorlogsmisdaden (bijvoorbeeld kolonisering), misdaden tegen de menselijkheid (bijvoorbeeld apartheid) en mensenrechtenschendin­gen in alle kleuren van de regenboog. Het mag bovendien een enorm aantal VN-resoluties schenden zonder dat daar consequenties aan worden verbonden. Er zijn weinig andere landen die op zulke privileges kunnen bogen. De facto laat de volkerenorganisatie het onrecht dat zijzelf al decennia veroordeelt voortwoekeren, ten koste van de rechten van de Palestijnen en het perspectief op vrede. Die opstelling vloekt met de eigen beginselen en de verdragen die de internationale rechtsorde belichamen.

Israëlische sancties

Helemaal zonder gevolgen bleef resolutie 2334 overigens niet. Er zijn wel degelijk sancties getroffen – niet tegen, maar dóór Israël. Dat staakte als strafmaatregel direct zijn verplichte financiële afdrachten aan vijf VN-instellingen. Op de vertrouwde furieuze wijze stelde het dat de Veiligheidsraad met deze eerste kritische resolutie sinds zeven jaar bewees dat de VN ten diepste ‘anti-Israël’ is. Toenmalig premier Benjamin Netanyahu en consorten kwamen woorden tekort om de ‘schandelijke en hypocriete’ resolutie af te branden en de VN verdacht te maken. Netanyahu deinsde er niet voor terug in een toespraak tot de VN diezelfde VN tot ‘epicentrum van het wereldwijde antisemitisme’ te bestempelen.

Daar bleef het niet bij. Israël kondigde aan dat alle landen die de resolutie steunden een ‘diplomatieke en economische prijs zullen betalen’. Het riep zijn ambassadeurs terug uit Nieuw-Zeeland en Senegal, twee indieners van de resolutie, en de premier van Nieuw-Zeeland kreeg van Netanyahu te verstaan dat hij diens initiatief opvatte als een ‘oorlogsverklaring’. Netanyahu dreigde de Israëlische ambassade in Wellington te sluiten. Senegal werd gestraft met stopzetting van de Israëlische ontwikkelingshulp.

Beide landen zagen bovendien geplande bezoeken van hoogwaardigheidsbekleders aan Israël gecanceld. Dat overkwam ook leiders van andere ‘vijandige staten’. Onder hen de Joodse premier van Oekraïne, Volodymyr Groysman. Hem werd mede verweten dat de Oekraïense VN-ambassadeur de Israëlische bezetting op één lijn had gesteld met de Russische bezetting van de Krim. Maar niet alle ‘vijanden’ werden uiteindelijk geslachtofferd. De machtige permanente leden van de Veiligheidsraad bleven Israëlische sancties bespaard: het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, China, Rusland en natuurlijk de VS.

© 2007 - 2022 The Rights Forum / Privacy Policy